zondag 31 mei 2026

Lees de Bijbel met mij...152 Tempelbouw

 Lees 2 Samuël 7, 1 Kronieken 17 en Psalm 25

De uitspraak van God "Ik zal hem tot een Vader zijn, en hij zal Mij tot een zoon zijn" (of varianten daarop) komt op vier verschillende plaatsen voor in de Bijbel. En twee van deze uitspraken staan in de twee teksten die we vandaag lezen. Daarnaast nog in 1 Kronieken 22:10 en Hebreeën 1:8. Deze laatste schriftplaats laat zien dat de belofte betrekking heeft op Jezus, de 'Zoon van David'. Hij is Gods eigen Zoon. God bevestigt dit bovendien door dat tweemaal hoorbaar over Jezus te zeggen:

  • "Jij bent mijn geliefde Zoon, in jou vind ik vreugde." (Marcus 1:11 en Lucas 3:22 en Matteüs 3:17).
  • "Dit is mijn geliefde Zoon, in hem vind ik vreugde. Luister naar hem!" (Matteüs 17:5, Marcus 9:7 en Lucas 9:35)

David heeft zijn eigen paleis gebouwd en wil nu een tempel voor God bouwen. De profeet Nathan komt echter met een woord van God: David mag Gods tempel niet bouwen. Zijn zoon zal deze tempel gaan bouwen. God zegt hierover:

"Ik heb aan mijn volk Israël een gebied toegewezen en het daar geplant, zodat het een vaste plek heeft om te wonen en niet meer hoeft rond te zwerven en niet meer door slechte mensen wordt onderdrukt, zoals in de begintijd gebeurde, toen Ik richters over mijn volk Israël aanstelde. Ik heb je rust gegeven van al je vijanden. Ook laat de Heer je weten dat Hij jóuw huis zal bouwen...Jouw huis zal blijvend zijn en je koningschap eeuwig. Je troon zal voor eeuwig standhouden." (2 SAMUEL 7:10-11,16, VB)

Uiteindelijk is het Jezus die deze definitieve tempel heeft gebouwd; een tempel die niet met mensenhanden is gemaakt.

"Jezus antwoordde: "Breek deze tempel af en in drie dagen zal Ik hem laten herrijzen." [20] De Joden zeiden: "Er is zesenveertig jaar aan deze tempel gebouwd, en U zou hem in drie dagen laten herrijzen?" Maar Hij sprak hier over de tempel van zijn lichaam." (JOHANNES 2:19-21, VB)

Salomo, de zoon van David die de tempel bouwde, is hiermee een voorafbeelding van Jezus. Jezus is de ware Zoon van God die Zijn tempel bouwt, en Zijn Koninkrijk houdt eeuwig stand. Door Hem worden wijzelf een tempel van de Heilige Geest.

Lees de Bijbel met mij...151

De zondag is een goed moment om na te denken over de teksten die je gelezen hebt. Welk teksten hebben je aangesproken. 

Heb je:

een belofte om op te vertrouwen,

een waarschuwing om in acht te nemen,

een waarheid aan te nemen

een opdracht om mee aan de slag te gaan

een bemoediging om in te rusten.

(vragen overgenomen van Life.Church)




vrijdag 29 mei 2026

Lees de Bijbel met mij...150 God van het verbond

 Lees Psalm 101, 105 en 132

Deze psalmen herinneren ons aan de ontstaansgeschiedenis van Israël en zijn koninklijke aanspraken. God heeft van Israël een volk gemaakt, vanaf Abraham tot en met Mozes. Hij gaf hen het land Kanaän en de stad Sion, van waaruit Hij wil regeren en wonen. Het is een geschiedenis van David en de belofte die God hem gaf. David duldde geen goddelozen en zondaars in zijn stad, maar omringde zich met trouwe en eerlijke mensen. Hij is een voorvader van Jezus en een voorafbeelding van Christus.

Davids Zoon zal eeuwig op de troon zitten. Hij is het die werkelijk rechtvaardig en trouw is, die werkelijk zonder zonde is en eens en voor altijd heeft afgerekend met de zonde.

God is trouw. Hij is de God van het verbond dat Hij sloot met Abraham, Izak en Jakob over hun nageslacht en het land. Ook is Hij de God van het verbond dat Hij sloot met David over het eeuwige koningschap van de Gezalfde Koning, de Messias die zal regeren.

God is trouw aan Zijn verbond, zelfs als wij daar in ons eigen leven nog niets van zien.

"Van al deze mensen wordt een goed getuigenis gegeven vanwege hun geloof, maar ze hebben geen van allen de vervulling van de belofte gezien. Want God had voor ons iets beters op het oog, opdat zij niet zonder ons het einddoel zouden bereiken." (HEBREEËN 11:39-40, VB)



Lees de Bijbel met mij...149 De Heer regeert!

 Lees Psalm 89, 96 en 100

"Want de HEERE is goed, Zijn goedertierenheid is voor eeuwig, Zijn trouw van generatie op generatie."

Al deze psalmen gaan over de trouw van God. Zijn trouw aan het verbond blijft bestaan, ook al wordt het volk gestraft en ziet het niets van Gods beloften. God heeft beloofd dat de zoon van David een eeuwige heerschappij over heel de aarde zou krijgen. Maar daar in de ballingschap is alle hoop om dat nog te zien de grond in geboord. Toch, ja toch, blijft de psalmdichter vasthouden aan Gods woord. Er zal een generatie komen die deze Koning zal kennen. 

God blijft het waard om geprezen te worden, in welke situatie je ook zit. Ook al is er op dat moment geen aardse koning: de HEERE regeert! Hij is de God van de hele schepping en van alle volken. Hij komt om de wereld te regeren met waarheid en gerechtigheid. De psalmen laten zien dat, wat er ook gebeurt en hoe slecht het er ook uitziet, je altijd vreugde kunt vinden in wie God is. Dit is een vreugde die niet gebaseerd is op onze omstandigheden, maar op Gods waarheid.

Uiteindelijk heeft God die Koning – de zoon van David die eeuwig op de troon zou zitten – geschonken, en wel op een manier die wij nooit hadden verwacht: God Zelf werd Koning!

"Jezus Christus, die, terwijl Hij in de gestalte van God was, het niet als roof beschouwd heeft aan God gelijk te zijn,

Integendeel, Hij legde zijn grote macht en heerlijkheid af, nam de gestalte aan van een dienaar en werd een mens. Herkenbaar als mens, vernederde Hij Zich en gehoorzaamde tot het uiterste, zelfs tot in de dood aan het kruis. 

Daarom heeft God Hem de hoogste plaats en de allerhoogste titel gegeven, zodat in de naam van Jezus iedereen in de hemel, op aarde en onder de aarde zijn knieën zal buigen en tot eer van God de Vader openlijk zal erkennen: Jezus Christus is de Here!" (Filippenzen 2:6-11 HSV)

donderdag 28 mei 2026

Lees de Bijbel met mij...148 Triomferende Liefde

 Lees Psalm 24, 47 en 68

Deze psalmen spreken over God als Overwinnaar en Held in de strijd. De Heere is Koning en de Heere van de legermachten. Hij triomfeert over heel de aarde en over alle volken. Hij heeft Israël uitgekozen als Zijn eigendom en heeft hen geleid. Dit is het volk dat naar God vraagt, Zijn wet naleeft en Zijn aangezicht zoekt.

De Heere is de Allerhoogste, de Koning over heel de aarde. Toch is deze Held ook een Vader voor wezen en een Rechter voor weduwen. Hij is een God die eenzamen een thuis geeft in een huisgezin en de ketenen van gevangenen verbreekt. God de Almachtige heeft oog voor het breekbare en het weerloze. Dat maakt Zijn grootheid nog grootser.

"De hoge en doorluchtige, die de eeuwigheid bewoont, de Heilige, zegt: Ik leef in die hoge en heilige plaats, maar ook bij ieder die berouwvol en nederig is, Ik verfris de nederigen en geef nieuwe moed aan mensen met een berouwvol hart." (Jesaja 57:15, HTB)

God woont niet alleen in een hoge, heilige plaats, onbereikbaar ver weg, maar Hij woont ook in het berouwvolle hart. Dat is de enige nederige plaats waar God kan wonen. Zijn hart is bewogen over de mens die Hem zoekt. Hij vernieuwt en versterkt. 

God, onbereikbaar hoog verheven, en toch buigt Hij Zich liefdevol voorover als een Vader voor Zijn kind.


woensdag 27 mei 2026

Lees de Bijbel met mij...147 Waar woont de Heere?

 Lees Psalm 15, 22 en 23


God wil door Zijn Heilige Geest in ons wonen. Maar wie mag er bij de Heere wonen? Psalm 15 zegt: degene die niet zondigt en oprecht handelt. We weten echter allemaal dat we zelf nooit volmaakt genoeg zullen zijn om bij God te mogen wonen. 

"Want allen hebben gezondigd en missen de heerlijkheid van God, en worden om niet gerechtvaardigd door Zijn genade, door de verlossing in Christus Jezus.

(Rom. 3:23-24, HSV)

Alleen door het plaatsvervangend sterven van Jezus, die de straf voor onze zonden droeg, kunnen wij nu in Gods nabijheid zijn. Hij heeft voor ons een woning gereedgemaakt. We zijn het eigendom geworden van de Goede Herder, die Zijn leven gaf voor Zijn schapen. We zullen in het huis van de Heere verblijven tot in lengte van dagen. 

En dat geldt niet pas voor straks, als Christus ons komt halen; ook nu al mogen we thuis zijn bij God. Hij is met ons tot de voleinding van de wereld. Al gaan we door een dal van diepe duisternis, we hoeven niets te vrezen. Want Hij is bij ons, ál de dagen van ons leven. Er is geen dag dat Hij niet bij ons is. 






dinsdag 26 mei 2026

Lees de Bijbel met mij...146 God in ons midden

 Lees 1 Kronieken 16 en Psalm 1 en 2

David plaatst de ark in de tent die hij in Jeruzalem heeft laten neerzetten. We lezen dat de ark niet in de tabernakel staat; die staat namelijk in Gibeon, waar ook nog offerdiensten worden gehouden. David stelt Levieten aan om de ark te verzorgen en de Heere te loven en te prijzen met zang en muziek. Voor deze gelegenheid geeft hij Asaf, het hoofd van de zangers, een psalm. Veel van de teksten komen uit de Psalmen 105 en 106. Het is een lof- en danklied voor wie God is en wat Hij heeft gedaan. Om te gedenken dat hij een verbond heeft gesloten met Abraham, Izak en Jakob. Dit is het eeuwige verbond met Israël, waarin Hij beloofde hen het land Kanaän te geven. Hij is de Schepper van al wat leeft en de Heer die Israël heeft gezegend en zal zegenen.

"En zeg: Verlos ons, o God van ons heil, en breng ons bijeen, en red ons vanuit de heidenvolken, opdat wij Uw heilige Naam loven en ons beroemen in Uw lof."


Israël heeft een koning die door God is aangesteld en gezalfd. God heeft aan David en zijn Nageslacht, (Jezus) het eeuwige koningschap geschonken. Ook de volken van de aarde worden opgeroepen om deze Koning te gehoorzamen. Maar de wereld wil niets van deze Gezalfde weten. 

"Dien de HEERE met vreze, verheug u met huiver. Kus de Zoon, opdat Hij niet toornig wordt en u onderweg omkomt, wanneer Zijn toorn slechts even ontbrandt. Welzalig allen die tot Hem de toevlucht nemen!"

Laten ook wij God aanbidden en niet wandelen in de raad van de goddelozen, niet staan op de weg van de zondaars of zitten in de kring van de spotters. Er zullen altijd mensen zijn die niets van God willen weten en die hun eigen wegen willen gaan. Zij haten God en Zijn Gezalfde, omdat Zij hen belemmeren in hun eigen duistere wegen. De mens wil zelf god zijn. Maar pas als God in het middelpunt van je leven staat, valt alles op zijn plek.

Mag God in jouw leven woning maken?


maandag 25 mei 2026

Lees de Bijbel met mij...145

 Lees 1 Kronieken 13, 14 en 15

Hier staat hetzelfde verhaal dat we twee dagen geleden ook lazen in 2 Samuël 5 en 6. Er zijn wel wat kleine verschillen; zo wijkt de volgorde van de gebeurtenissen af.


In Samuël wordt David koning over Israël, verovert hij Jeruzalem, bouwt hij zijn woning en verslaat hij de Filistijnen. Pas daarna volgt het hele verhaal van het ophalen van de ark.

In Kronieken probeert David eerst de ark op te halen, wat mislukt. Tussendoor wordt kort verteld over de bouw van zijn paleis en het verslaan van de Filistijnen. Daarna komt het verhaal waarin hij alsnog de ark ophaalt. 

In Kronieken ligt de nadruk vooral op de rol van de Levieten en de juiste voorschriften om de ark te vervoeren. Deze nadruk op de juiste aanbidding en gehoorzaamheid was belangrijk voor de mensen die terugkeerden uit ballingschap. Daarnaast valt op dat ook de namen en het aantal van Davids kinderen, evenals het aantal gebrachte offers tijdens de reis van de ark, in beide boeken niet helemaal overeenstemmen.

----

David wordt koning over Israël en haalt de ark naar Jeruzalem. Hij zegt tegen de Levieten: "U bent de familiehoofden van de Levieten. Heilig uzelf en uw broeders om de ark van de HEERE, de God van Israël, op te halen. Breng hem naar de plaats die ik ervoor gereedgemaakt heb. Omdat u dit de eerste keer niet hebt gedaan, heeft de HEERE, onze God, ons een zware slag toegebracht. We hadden Hem toen namelijk niet geraadpleegd volgens de voorschriften."

David haalt de ark deze keer op zoals God het heeft bevolen. De nadruk ligt hierbij vooral op de muziek. De Levieten hebben de taak om luide en blijde muziek te maken met cimbalen, luiten, harpen en trompetten. Er is veel muziek en zang onder luid gejuich en bazuingeschal. Op deze vreugdevolle manier wordt de ark Jeruzalem binnengehaald.

Zoals wij vreugde ervaren als God in ons midden is, zo vreugdevol is God ook over ons.

"De vreugde van de HEERE is onze kracht!"
(Nehemia 8:10)


zondag 24 mei 2026

Lees de Bijbel met mij...144

De zondag is een goed moment om na te denken over de teksten die je gelezen hebt. Welk teksten hebben je aangesproken. 

Heb je:

een belofte om op te vertrouwen,

een waarschuwing om in acht te nemen,

een waarheid aan te nemen

een opdracht om mee aan de slag te gaan

een bemoediging om in te rusten.

(vragen overgenomen van Life.Church)


Beseffen wij wel hoe goed God is? Hij moet groter worden en ik kleiner. Dat wat Johannes de Doper antwoordde toen zijn discipelen zagen dat Jezus meer invloed kreeg dan hijzelf. Durven wij, net als Johannes, onze eigen invloed en controle los te laten? Pas wanneer wij durven te krimpen, krijgt Gods grootheid in ons leven écht de ruimte.







zaterdag 23 mei 2026

Lees de Bijbel met mij...143

 Lees 2 Samuël 5:11-25 en 2 Samuël 6 

David gaat in Jeruzalem wonen en bouwt een huis voor zichzelf. Wanneer de Filistijnen tegen hem optrekken, raadpleegt hij God. God geeft hem raad over hoe hij de Filistijnen moet verslaan. Nadat er rust in het land is gekomen, besluit David de ark van God – die bij het huis van Abinadab staat – naar Jeruzalem te brengen. Dit keer raadpleegt hij God echter niet over de juiste aanpak. Hij haalt de ark in elk geval niet op de manier op die God aan Mozes had opgedragen. De ark wordt namelijk niet door de Levieten gedragen, maar op een nieuwe kar gezet. Beseft David dan niet hoe heilig God is? De ark die alleen de hogepriester één keer per jaar, met bloed van het zondoffer, mocht naderen?

Wanneer de ossen die de kar trekken struikelen, grijpt Uzza – de zoon van Abinadab – naar de ark en sterft. Hoe is dit mogelijk? Je sterft nota bene terwijl je denkt God een dienst te bewijzen! Maar precies daar zit de fout: God is degene die leidt en beschermt. Hij heeft geen bescherming of leiding van mensen nodig. 

David wordt woedend en is doodsbang voor God geworden. De ark wordt daarom drie maanden lang achtergelaten bij het huis van Obed-Edom. Wanneer dit gezin rijkelijk gezegend wordt, besluit David de ark alsnog naar Jeruzalem te brengen, maar ditmaal op de juiste manier. De ark wordt nu gedragen, terwijl er onderweg voortdurend offers worden gebracht: een spoor van bloed tot aan Jeruzalem.

David huppelt mee in een linnen priesterhemd. Hij danst uit alle macht voor God; een 'zot' voor God. Hij schaamt zich niet. God moet groot gemaakt worden en hijzelf kleiner. Michal, de dochter van Saul, veracht hem hierom, maar het kan hem niets schelen. Zijn hart is volledig op God..


vrijdag 22 mei 2026

Lees de Bijbel met mij...142 Eensgezind

 Lees Psalm 133, 106 en 107

"Zie, hoe goed en hoe lieflijk is het dat broeders ook eensgezind samenwonen."

In deze psalmen komt de eensgezindheid met God en elkaar duidelijk naar voren. We zijn één met God om wie Hij is, om wat Hij heeft gedaan, en om wat Hij nog steeds doet en zal doen. Hij is gisteren, heden en in de toekomst dezelfde. Je mag op Hem vertrouwen, ook voor de toekomst.

In Psalm 107 staan verschillende scenario's waarin mensen terecht kunnen komen: mensen op de vlucht voor oorlog en geweld, mensen die door hun ongerechtigheid in doodsnood verkeren, dwazen die door hun eigen gedrag in de problemen raken, en zeelieden die in een zware storm belanden. Telkens klinkt de oproep: "Laten zij de HEERE loven om Zijn goedertierenheid en om Zijn wonderen voor de mensenkinderen." God ontfermt Zich over hen als zij Hem zoeken en naar Hem roepen.

Het gaat erom de verbinding met God te zoeken om wie Hij is. Hij verlost en bevrijdt omdat Hij Zich ontfermt vanuit Zijn goedertierenheid, en Hij houdt Zich aan Zijn verbond. Hij vergeldt ons niet naar onze daden. Soms geeft Hij mensen over aan hun eigen wensen, hoewel die wensen hen niet ten goede komen. 

"Toen gaf Hij hun wat zij begeerden, maar henzelf deed Hij uitteren...Toch zag Hij hun benauwdheid, toen Hij hun roepen hoorde. Hij dacht hun ten goede aan Zijn verbond; Hij had berouw, naar Zijn grote goedertierenheid."

Toch redt Hij hen zodra zij roepen of als iemand voor hen roept en voorbede doet. Als Mozes destijds niet voor het volk op de bres had gestaan, had het slecht met hen kunnen afgelopen.

In Johannes 17 lees je dat ook Jezus voor ons bidt; Hij vraagt of wij één mogen zijn met Hem, de Vader en elkaar. Hoe goed is het als we als broeders en zusters in eenheid samenleven; juist dáár gebiedt de Heer Zijn zegen. God heeft ons Zijn Geest geschonken en alleen Zijn Geest maakt ons één.

donderdag 21 mei 2026

Lees de Bijbel met mij...141 God maakt ons één

 Lees 2 Samuël 5:1-10 en 1 Kronieken 11 en 12

Na een burgeroorlog en een periode van verdeeldheid onder koning Saul, is er nu eenheid onder alle stammen voor de kroning van David tot koning over heel Israël. Alle krijgslieden van alle stammen – zo'n 340.000 man – kwamen naar Hebron om David koning te maken.

Onder deze groep bevonden zich ook Davids helden: een groep van drie en een groep van dertig strijders die in de strijd dappere daden hadden verricht en hun leven op het spel hadden gezet. Zij leefden voor de overwinning en wilden hun koning in alles tegemoetkomen.

 Denk hierbij aan de drie mannen die met gevaar voor eigen leven water haalden uit de put bij Bethlehem. Zij braken dwars door de vijandelijke linies heen, puur omdat David had verzucht dat hij dat water zo graag wilde drinken.

Ook de discipelen dachten zulke sterke helden te zijn. Allemaal hadden ze plechtig beloofd dat ze Jezus zouden volgen tot in de dood. Maar toen het eenmaal zover was, sloegen alle discipelen op de vlucht. Petrus viel daarbij nog het hardst door de mand. 

Na Pinksteren zie je echter een grote verandering: diezelfde bange discipelen staan ineens op als dappere helden. Onverschrokken zetten zij hun leven op het spel en ondanks grote tegenstand en martelingen verkondigen zij het Goede Nieuws: Jezus is opgestaan! Hij heeft ons bevrijd uit de slavernij van zonde en dood. 

Alleen Gods Geest kan deze omwenteling teweeggebracht hebben. Waar Davids mannen werden gedreven door menselijke loyaliteit en militaire discipline, werden de discipelen samengebonden door iets veel groters. Zij ontdekten wat Paulus later omschreef in Efeziërs 4:3: de kracht om de eenheid van de Geest te bewaren door de band van de vrede. Het is deze goddelijke band die van gewone, angstige mensen onoverwinnelijke getuigen maakt.

Door Hem zijn wij meer dan overwinnaars!


woensdag 20 mei 2026

Lees de Bijbel met mij...140 Eeuwigheidswaarde

Lees 1Kronieken 10 en Psalm 102, 103 en 104

"Zo stierf Saul vanwege zijn trouwbreuk, die hij tegenover de HEERE had gepleegd, vanwege het woord van de HEERE, dat hij niet in acht had genomen, en ook omdat hij een dodenbezweerder had geraadpleegd, en niet de HEERE had geraadpleegd. Daarom doodde Hij hem en liet Hij het koningschap overgaan op David, de zoon van Ïsai."

Saul en zijn zonen stierven tijdens een aanval van de Filistijnen, die Saul aanviel zonder de HEERE te raadplegen. Hierdoor moest Israël vluchten. David werd koning; Gods plan gaat door en het verdeelde Israël werd uiteindelijk één volk onder zijn leiding.

We kunnen niet op eigen kracht de strijd met de wereld aan; dat is een doodlopende weg. De mens kan heel wat bereiken, maar uiteindelijk zal het 'lucht en leegte' blijken te zijn, zoals Prediker dat zo mooi verwoordt. Niets is blijvend. Zonder God kunnen we niets doen wat werkelijk eeuwigheidswaarde heeft. Hij ís de Eeuwige.

Het gaat niet om wie wij zijn maar om wie God is en wie wij zijn in Hem. Hij heeft ons uit liefde eeuwigheidswaarde gegeven. Zijn oog is op de mens die ontzag voor Hem heeft en Hem blijft verwachten. De mens die God wil kennen in al zijn wegen.

Koningen en heidense volken zullen de HEERE vrezen, maar God hoort juist het gebed van de allerarmsten. Hij veracht hun gebeden niet. Wij mensen zijn als stof: breekbaar, maar kostbaar voor God. Wij zijn Zijn meesterwerk. Hij zoekt het goede, straft ons niet naar onze zonden, maar ontfermt Zich over ons als een Vader. 

Er is hoop! God goed is, op elk moment van ons leven. Hij verandert niet.

Loof de HEERE om wie Hij is en wat Hij doet!

dinsdag 19 mei 2026

Lees de Bijbel met mij...139 Geplant in het Huis van de Heer

 Lees 1Kronieken 9, Psalm 92 en 93

"Gods volgelingen zullen groeien en bloeien als palmbomen, hoog opgroeien als de cipressen in de bossen van de Libanon. Als zij eenmaal zijn geplant in het huis van de Here, groeien zij dicht bij Hem op." (Psalm 92: 13-14, HTB)

De ballingen keren terug uit de Babylonische steden naar het verwoeste Jeruzalem. Onder hen zijn familiehoofden van Juda (waaronder nakomelingen van David) en Benjamin (waaronder nakomelingen van Saul), priesters en Levieten, waaronder poortwachters en zangers. Hieronder vallen ook de nakomelingen van twee zeer bekende psalmschrijvers, namelijk Asaf en Jedutun. 

"De stamboom van iedereen in Israël werd zorgvuldig vastgelegd in de Boeken van de Koningen van Israël. Juda was verbannen naar Babel, omdat de mensen God ontrouw waren en afgoden vereerden." (9:1)

Ruim 450 jaar na de heerschappij van koning David keren de ballingen terug. Onder hen zijn afstammelingen van de mannen die David destijds had benoemd. Van de ruim 50.000 terugkeerders vestigen 3.618 mensen zich direct in Jeruzalem. Dankzij de zorgvuldig bijgehouden registers in Kronieken neemt iedereen direct zijn eigen gebied weer in bezit.

Terug naar het bezit dat God hen schonk. Israël is en blijft één volk, ook al leefde het verspreid over de hele wereld. Hun trouw aan Gods geboden verbindt hen. Op dezelfde manier zijn ook christenen één, door de Heilige Geest die verbindt.

"Want de Geest heeft ons allemaal tot één lichaam samengevoegd: het lichaam van Christus. Het doet er niet toe of wij Jood of niet-Jood zijn, slaaf of vrij man. Wij zijn allen doordrenkt met die ene Geest." (1Kor. 12:13, HTB)

Heb jij wel eens zo'n diepe eenheid ervaren bij een onbekende broeder of zuster?

maandag 18 mei 2026

Lees de Bijbel met mij...138 Eigendomsbewijzen

 Lees 1Kronieken 7 en 8

Hoewel de geslachtsregisters over de nakomelingen van Issaschar, Benjamin, Dan, Naftali, Manasse, Efraïm en Aser saai lijken, staan er toch interessante feiten tussen: zoals Seëra, een vrouwelijke stedenbouwer van drie steden, en de grote tragedie van Efraïm. Bij een roofoverval werden al zijn zonen gedood door de inwoners van Gath, waarschijnlijk nog vóór de uittocht uit Egypte.

Daarnaast is er extra aandacht voor de stam Benjamin, de stam waaruit de eerste koning van Israël voortkwam. Zij woonden in Jeruzalem en Gilead. Deze stamboom werkt nauwkeurig toe naar Saul en de uiteindelijke overgang naar David, wat het hoofdthema van Kronieken is. Deze hoofdstukken zijn als het ware het eigendomsbewijs van de verschillende stammen die terugkeerden uit de ballingschap.

Ook wij hebben in Christus een eigendomsbewijs ontvangen door de Heilige Geest. Wij zijn gekocht en betaald met het kostbare bloed van Jezus Christus, opdat wij niet meer voor onszelf zouden leven, maar hier op aarde vreemdelingen en bijwoners zouden zijn. Wij leven op dit moment nog in ballingschap, maar zien uit naar een Hemels Vaderland.

"Maar u bent een uitverkoren geslacht, een koninklijk priesterschap, een heilig volk, een volk dat God Zich tot Zijn eigendom maakte; opdat u de deugden zou verkondigen van Hem Die u uit de duisternis geroepen heeft tot Zijn wonderbaar licht," (1 Petrus 2:9, HSV).

zondag 17 mei 2026

Lees de Bijbel met mij...137 Is Hij waardig?

De zondag is een goed moment om na te denken over de teksten die je gelezen hebt. Welk teksten hebben je aangesproken. 

Heb je:

een belofte om op te vertrouwen,

een waarschuwing om in acht te nemen,

een waarheid aan te nemen

een opdracht om mee aan de slag te gaan

een bemoediging om in te rusten.

(vragen overgenomen van Life.Church)

Een prachtig lied van Chris Tomlin. God is en blijft dezelfde tot in eeuwigheid. Hij is waard om geprezen te worden.

Is Hij waardig? Is Hij waardig?
Van alle zegen en eer en glorie,
Is Hij dit waardig?
Ja, Hij is waardig!

Heeft de Vader ons werkelijk lief?
(Ja, Hij heeft [ons lief])
Beweegt de Geest zich onder ons?
(Ja, Zijn Geest beweegt onder ons)
En houdt Jezus, onze Messias, voor eeuwig vast wie Hij liefheeft?
(Ja, Hij houdt ons vast)
Is onze God van plan weer bij ons te wonen?
(Ja, Hij is dat van plan)



zaterdag 16 mei 2026

Lees de Bijbel met mij...136 Meer dan waard

 Lees 1 Kronieken 6 en Psalm 87 en 88

De schrijvers van Kronieken leefden in de tijd van de ballingschap en de terugkeer. Met deze registers wilden zij bereiken dat het volk, zodra het terugkeerde, de tempeldienst en de lofzang in Jeruzalem direct weer zou inrichten volgens de oude orde van David.

In  Kronieken lezen we eerst de geslachtslijn van Levi, met in het bijzonder de lijn van de Kahathieten. Uit deze tak kwamen niet alleen de hogepriesters voort, maar ook de profeet Samuël.

Eerst wordt de lijn van de hogepriesters tot aan de ballingschap beschreven. Daarna volgt de geslachtslijn van Samuël en zijn zonen, waarbij extra wordt stilgestaan bij de zangers die David had aangesteld. Onder deze zangers bevonden zich Heman, de kleinzoon van Samuël (uit de lijn van Kahath), Asaf (uit de lijn van Gersom) en Ethan, de zoon van Abdi (uit de lijn van Merari). Zo waren alle drie de zonen van Levi vertegenwoordigd in de tempelzang.

In Psalm 87 en 88 kunnen we de liederen lezen die deze zangers hebben geschreven; dit zijn zowel feest- als klaagliederen.

Het volk werd later in ballingschap weggevoerd. Ze aanbaden afgoden en dachten niet meer terug aan de wonderen die God voor hen had gedaan in Egypte. De neerwaartse spiraal heeft zich ingezet. God, die nog steeds dezelfde is, heeft hen overgegeven aan hun 'versteende hart en hun eigen inzicht'. Nu zie je dat het van kwaad tot erger gaat. Israël wordt opgeroepen om zich weer naar God te keren, naar de identiteit die God hun had gegeven als Zijn volk. 

De psalmschrijver roept op om te blijven zingen, om te bekeren en te gedenken. In elke situatie is Hij het immers meer dan waard.

"Zou U wonderen doen aan de doden? Of zouden gestorvenen opstaan en U loven? Sela"

Toch wel...


vrijdag 15 mei 2026

Lees de Bijbel met mij...135 Voortdurend in Gods nabijheid

 Lees Psalm 73, 77 en 78

De psalmschrijver kijkt naar de wereld en naar de mensen die er maar op los leven. Omdat het hun schijnbaar goed gaat, wordt hij verontwaardigd en jaloers. Hoe kan dit nou? Maakt het dan niets uit dat hij zich onthoudt van zonde en rechtvaardig probeert te leven?Maar God laat hem hun levensloop zien: een leegte zonder God waarin zij plotseling verdwijnen. Ze missen Gods zegenende nabijheid die de psalmschrijver wél ervaart. 

"Ik zal echter voortdurend bij U zijn, U hebt mijn rechterhand gegrepen. U zult mij leiden door Uw raad, daarna zult U mij in heerlijkheid opnemen."

Hij weet dat God zijn weg leidt en zijn hele leven bij hem zal zijn. Tot het einde toe mag hij weten dat hij mag wonen in het huis van de Vader.

Nergens staat dat het degene die met God leeft altijd goed zal gaan. "Al bezwijkt mijn hart en mijn vlees," staat er zelfs. Toch weet de psalmschrijver: "God is de rots van mijn hart.

De Psalmen spreken juist van moeilijke tijden in een wereld waarin God soms verdwenen lijkt te zijn. In zulke tijden raadt de schrijver aan om Gods werken en wonderen te gedenken, en God te blijven prijzen om wie Hij is en wat Hij heeft gedaan.

Blijf je richten op Gods aanwezigheid. Hij laat niet los. Hij heeft Zijn trooster gezonden om tot in eeuwigheid bij ons te zijn en ín ons.


donderdag 14 mei 2026

Lees de Bijbel met mij...134 Gebiedsuitbreiding

 Lees 1 Kronieken 3, 4 en 5

Deze hoofdstukken gaan over de koninklijke lijn, over de zonen van David en de koninklijke lijn tot aan de ballingschap. Bij David worden zes zonen geboren in de zeven jaar dat hij in Hebron woont. In Jeruzalem worden in de 33 jaar dat hij daar regeert nog eens negen zonen geboren, waaronder Salomo bij Bathseba, waardoor de koninklijke lijn doorgaat.

Ook gaat het over de overige afstammelingen van Juda en de verschillende volken die uit hem voortkwamen en over specifieke geslachten binnen de stam Juda die de pottenbakkers en linnenbewerkers voor de koning leverden. 

Er is in deze saaie opsomming ineens speciale aandacht voor Jabes. Zijn naam betekent verdriet. Hij staat er ineens zomaar tussen zonder duidelijk is van welke zoon van Juda hij afstamt. Zijn moeder had hem met verdriet ter wereld gebracht.

"Jabes riep de God van Israël aan: "Wilt U mij alstublieft overvloedig zegenen, mijn grondgebied groter maken, met mij zijn en mij beschermen tegen het kwaad, zodat ik geen verdriet zal hebben?" En God gaf hem waar hij om gevraagd had."

Simeon, die ook in het gebied van Juda woonde, nam niet zo sterk in aantal toe als de Judeeërs, maar veroverde zijn gebied op de Kanaänieten en de Amalekieten. De Bijbel legt uit dat Ruben zijn eerstgeboorterecht had verspeeld en dat dit was overgegaan naar de zonen van Jozef, hoewel het Juda was dat uiteindelijk de machthebbers leverde. 

"Zij vroegen God om hulp en Hij hielp hen omdat zij op Hem vertrouwden. Zo werden de Hagarenen en al hun bondgenoten verslagen."

Maar de halve stam van Manasse, die vele aanvoerders en strijders leverde, werd ontrouw aan God. Zijn gingen de afgoden van de omringende volken aanbidden. Zij verloren hun gebied en werden weggevoerd. Samen met de stammen van Ruben en Gad, die aan de overzijde van de Jordaan woonden, werden zij in ballingschap weggevoerd door de koning van Assyrië.

Uit deze verzen wordt duidelijk dat God degene is die gebieden geeft en neemt; Hij geeft ons de ruimte om te leven. Toch is en blijft dat puur genade.

Als we kijken naar het gebed om gebiedsuitbreiding: durf jij net zo vrijmoedig te bidden als Jabes, of voelt dat te zelfgericht?

woensdag 13 mei 2026

Lees de Bijbel met mij...133 Gebaande wegen

 Lees Psalm 84, 85 en 87

Al deze psalmen spreken van verlangen: verlangen naar Gods woningen, verlangen naar het land dat God hen gaf en verlangen naar de stad waar God zelf woont. Zijn ziel, hart en lichaam roepen het uit naar de levende God, de Koning van zijn leven.

Het diepste verlangen is het verlangen naar de plaats waar God zelf is, waar Zijn recht en goedheid worden ervaren. Liever één dag in Uw voorhoven, op de drempel, dan duizend dagen ergens anders. Het is een diep verlangen naar Gods nabijheid; wonen bij God, zoals de mus en de zwaluw hun plek vinden in de tempel.

De psalmschrijver verlangt terug naar het land dat God hen gaf: naar Sion, de stad van God. Dit is de stad waar God wil wonen. God zal hen bevrijden en terugbrengen. Hij is niet alleen dichtbij in de tempel, maar ook bij de mens die naar Hem verlangt. Zo iemand leeft in Gods kracht en ontvangt Zijn zegen, zelfs in dorre streken. Hij gaat van kracht tot kracht, en in zijn hart zijn gebaande wegen.

Een gebaande weg is een weg die al door iemand die vóór jou ging, is klaargemaakt om te bewandelen. De weg is ontdaan van obstakels en vormt een veilig pad. Die weg is Jezus, die ons vrije toegang tot de Vader en Zijn kracht heeft gegeven.

"Broeders en zusters, nu kunnen we dankzij het bloed van Jezus vrijmoedig het Allerheiligste binnengaan, over een nieuwe, levende weg die Hij voor ons heeft gebaand door het voorhangsel heen, namelijk zijn lichaam." (Heb. 10:19, VB)


dinsdag 12 mei 2026

Lees de Bijbel met mij...132 God van Leven

 Lees Psalm 43, 44, 45 en 49

"Zij vertrouwen op hun vermogen en beroemen zich op hun grote rijkdom. Niemand van hen kan zijn broeder metterdaad verlossen, hij kan God zijn losgeld niet geven. De losprijs voor hun leven is immers te kostbaar en zal voor eeuwig ontoereikend zijn."

Waarop stellen wij ons vertrouwen? Op onze wapens, onze macht of onze rijkdom? De psalmist ziet in dat al het goede niet door eigen kracht of wijsheid is verkregen; God heeft het ons allemaal geschonken. 

Ook nu zij met ellende te maken krijgen, weet de psalmist dat alleen bij God een toevlucht te vinden is. Ook al worden ze gerekend tot de slachtschapen. Hij is erbij, en zowel in goede als in slechte tijden zijn we volledig afhankelijk van Hem. 

Een mens kan zichzelf heel wat vinden door het bezit van vele goederen, maar het spreekwoord zegt niet voor niets: 'het laatste hemd heeft geen zakken'. In de dood zijn we allemaal gelijk... of toch niet? De psalmist getuigt er namelijk van dat God zijn ziel zal bevrijden uit het graf en hem zal opnemen. 

Wij horen bij de God van het Leven. Onze hemelse Vader heeft ons bevrijd van zonde en dood. Hij is de eeuwige Koning, wiens troon voor eeuwig zal blijven. "Luister, dochter, en zie, neig uw oor: vergeet uw volk en het huis van uw vader." De bruid van de Koning mag zich volledig toewijden aan haar Heer. Alles wat haar nog bindt aan de wereld of haar verleden, mag zij loslaten. Dan is de koningsdochter innerlijk één en al heerlijkheid. Wij zijn van Hem!
 
"Wie zal ons scheiden van de liefde van Christus? Verdrukking, of benauwdheid, of vervolging, of honger, of naaktheid, of gevaar, of zwaard? Zoals geschreven staat: Want omwille van U worden wij de hele dag gedood, wij worden beschouwd als slachtschapen. Maar in dit alles zijn wij meer dan overwinnaars door Hem Die ons heeft liefgehad.(Rom. 8:35-37, HSV)

maandag 11 mei 2026

Lees de Bijbel met mij...131 Koningschap

 Lees Psalm 21, 1Kronieken 1 en 2

Deze hoofdstukken dienen om het koningschap van David te legitimeren. 1 Kronieken 1 en 2 vormen een namenlijst van Adam tot aan de koningen. Het beschrijft het volk Israël en haar plaats in de wereldgeschiedenis. Het begint bij Adam en loopt via Noach naar de zonen van Cham, Jafet en Sem. Nimrod, de zoon van Cham, wordt hierbij omschreven als een machtige op aarde en de eerste grote wereldleider. De tekst legt uit waar de verschillende volken uit die tijd van afstamden, waarna de lijn wordt voortgezet van de nakomelingen van Sem tot aan de kinderen van Abraham.

Tussendoor krijgen de koningen van Edom de aandacht; een volk dat al koningen kende voordat Israël die had. Deze lijst begint met koning Bela, de zoon van Beor (niet te verwarren met Balak, die Israël wilde vervloeken). In totaal worden er negentien heersers vermeld.

In hoofdstuk twee krijgt de familie van Juda extra aandacht. Het is geen strikt lineaire lijn van vader op zoon; er worden uitstapjes gemaakt naar broers, zussen en schoonfamilie om de politieke verhoudingen weer te geven. Zo kreeg Davids zus een zoon van de Ismaëliet Jether. Deze zoon, Amasa, werd later een bendeleider onder Absalom. Na de dood van Absalom stelde David deze man – zijn eigen neef – zelfs aan als legerleider.

Davids lijn wordt in deze geslachtsregisters sterk benadrukt; hij is de koning die alles met elkaar verbindt. Later wordt deze lijn doorgetrokken naar Jezus Christus, de Zoon van David. Het toont Gods plan door de wereldgeschiedenis. Ook al raken we verward door de warboel van namen: God komt tot Zijn doel, ook met deze wereld.

zaterdag 9 mei 2026

Lees de Bijbel met mij...130 Vergeving

De zondag is een goed moment om na te denken over de teksten die je gelezen hebt. Welk teksten hebben je aangesproken. 

Heb je:

een belofte om op te vertrouwen,

een waarschuwing om in acht te nemen,

een waarheid aan te nemen

een opdracht om mee aan de slag te gaan

een bemoediging om in te rusten.

(vragen overgenomen van Life.Church)

We lezen de Psalmen We hebben twee van de zeven boetepsalmen behandeld.

De boetepsalmen zijn een groep van zeven psalmen uit het Bijbelboek Psalmen die van oudsher worden gebruikt om berouw, schuld en het verlangen naar vergeving uit te drukken. 

De zeven boetepsalmen zijn:

Psalm 6: Gebed om ontferming in tijden van diepe nood.

Psalm 32: Over de vreugde van de vergeving (ook wel Beati quorum).

Psalm 38: Een intens gebed van een lijdende zondaar.

Psalm 51: Het bekende Miserere; Davids schuldbelijdenis na zijn overspel met Batseba.

Psalm 102: Een klacht van een eenzame en lijdende mens die hulp zoekt bij God.

Psalm 130: Het De Profundis ("Uit de diepten"); een smeekbede vol vertrouwen op Gods genade.

Psalm 143: Een gebed om Gods leidende hand en redding uit benauwdheid. 

(Wikipedia)



Lees de Bijbel met mij...129 God verheerlijken

 Lees Psalm 14, 16 en 19



"Wees niet al te rechtvaardig en doe je niet al te wijs voor, want waarom zou je onheil over jezelf afroepen? Wees niet al te goddeloos en wees geen dwaas, want waarom zou je vóór je tijd sterven?" (PREDIKER 7:16-17)

Alle mensen zijn zondig; Niet één mens doet het goede. Maar zij die de Heer zoeken, zullen Hem vinden en bij Hem mogen schuilen. Hij ontfermt Zich over de ellendige die zijn voornemen in duigen ziet vallen door het geweld van de goddeloze. Bij God mag David een toevlucht vinden, ook voor de zonden die hij zelf begaat.

"Behoed uw dienaar ook voor trots, laat hoogmoed niet over mij heersen. Dan zal ik onberispelijk zijn, vrij van grove overtreding."

David beseft dat hij nooit helemaal vrij zal zijn van overtredingen, maar hij ervaart dat God hem onverdiend toch alles schenkt wat hij nodig heeft. God staat hem bij met raad om te leven zoals Hij dat wil; zelfs 's nachts ervaart hij Gods leiding. Met God aan zijn zijde staat hij standvastig en God wijst hem de weg. Ondanks alles in deze wereld ervaart hij Gods vreugde wanneer hij dicht bij Hem blijft. 

Zelfs Gods schepping spreekt en onderwijst. De grootheid van God wordt daarin zichtbaar; alles getuigt van wie Hij is en hoe groot en almachtig het werk van Zijn handen is. De schepping eert God zonder woorden; iedereen kan het zien en horen. 

En niet alleen de schepping laat zien wie God is, ook Zijn wet openbaart Zijn karakter en schenkt wijsheid aan wie daarnaar leeft. De wet bekeert de ziel, biedt bescherming en geeft wijsheid, blijdschap en verlicht de ogen. Mensen gaan Gods rijkdom zien en verheugen zich daarin. In alles wil God Zich openbaren, opdat de mensen Hem leren kennen en voor Hem gaan leven. 

Niet om zelf perfect te worden maar om God te eren. Net zo als de schepping doet. Dat je leven een getuigenis mag zijn van wie God is.




vrijdag 8 mei 2026

Lees de Bijbel met mij...128 God ziet het

 Lees Psalm 6, 7, 8 en 9

David beseft hoe rechtvaardig God is. Hij weet dat God eerlijk zal oordelen, ook over hemzelf. Daarom schrijft hij de eerste van de zeven boetepsalmen. 

De goddelozen staan hier niet bij stil; zij onderdrukken de armen en ellendigen, in de veronderstelling dat er geen God is. God ziet het niet en zij zien God niet. Ze willen er niet eens over nadenken.

"Want de goddeloze beroemt zich over zijn hartenwens; hij zegent de hebzuchtige, hij lastert de HEERE.  De goddeloze, met zijn neus trots omhoog, onderzoekt niet. Al zijn gedachten zijn: Er is geen God!"

Wanneer David Gods wonderbaarlijke werken ziet, trekt hij de conclusie dat Hij wel móét bestaan. Hij ziet God als de Schepper die de mens bijna goddelijk heeft gemaakt en hem het vermogen heeft gegeven om te zien, te horen en te denken. Zo hoort en ziet God ook wat er op aarde gebeurt. Hij zal eerlijk oordelen en een toevlucht zijn voor hen die lijden onder de daden van goddelozen.

"Ú ziet het wél, want U aanschouwt de moeite en het verdriet, opdat men het in Uw hand geeft; op Ú verlaat de arme zich, U bent geweest een Helper van de wees."

God is genadig en barmhartig dat is Davids hoop en vaste grond. Wij mogen weten dat God zichzelf heeft laten zien in Zijn Zoon. De onzichtbare is zichtbaar geworden. Zie jij Hem?

woensdag 6 mei 2026

Lees de Bijbel met mij...127

Lees 2 Samuël 1, 2, 3 en 4

Het tweede boek van Samuël begint bij de dood van Saul. David schrijft een lofzang op deze, in zijn ogen, helden: het 'Lied van de Boog'. Hij beschrijft hen als sneller dan arenden en sterker dan leeuwen.

Na Sauls dood volgt Isboset zijn vader op als koning van Israël, terwijl David koning van Juda wordt. Hierdoor raken de volksgenoten met elkaar in oorlog. Abner, de legerleider van Isboset, trekt steeds meer macht naar zich toe. Wanneer hij gemeenschap heeft met een bijvrouw van Saul en Isboset hem daarop aanspreekt, wordt Abner woedend. Hij besluit de kant van David te kiezen en probeert het volk te overtuigen om David als koning te erkennen. Hij sluit een verbond met David en spoort ook het volk aan voor David te kiezen. Hij giet er nog even een religieus sausje overheen; God had dit immers zo voorbestemd.

"Nu is het tijd om te handelen, want de Heer heeft tegen David gezegd: 'Door mijn dienaar David zal Ik mijn volk Israël bevrijden uit de macht van de Filistijnen en van al zijn vijanden.' "

Nog voordat Abner het volk volledig achter David kan krijgen, wordt hij vermoord door Joab uit bloedwraak, omdat Abner eerder Joabs broer had gedood. David wist niets van deze actie en rouwt openlijk om Abner, wat op veel goedkeuring van het volk kan rekenen.

Het koningshuis van Isboset wordt ondertussen steeds zwakker. Nu Abner dood is, staat Isboset er alleen voor en vreest hij voor zijn leven. Die vrees blijkt terecht: hij wordt vermoord door zijn eigen legerleiders. Toch is dit niet de manier waarop David koning wil worden. Hij laat de mannen die Isboset hebben gedood — en die dachten hiermee goed nieuws te brengen — ter dood brengen.

Abner probeert het koningschap te forceren maar David blijft vertrouwen dat God op Zijn tijd Zijn beloften tot vervulling zal brengen.

Probeer niet in menselijke kracht Gods plannen  in vervulling te brengen. Soms gaat het heel anders dan jij had gedacht. Blijf verwachten en vertrouwen. Houd vol.


Lees de Bijbel met mij...126

 Lees Psalm 125, 128, 129 en 130

In de eerste psalmen gaat het over Gods goedheid voor de rechtvaardigen en het verderf voor de goddelozen. God is eeuwig getrouw aan Zijn volk Israël. Het zal je goed gaan als je dicht bij God blijft, als je Hem vreest en met Hem wandelt. 

Maar wie kan van zichzelf zeggen dat hij rechtvaardig is? Als wij een regel overtreden overtreden we ze dan niet allemaal. Wat maakt dan dat we onder Gods zegen blijven leven?

De laatste psalm van deze reeks slaat ineens een andere toon aan: "Uit de diepten roep ik tot U." De psalmist, of het volk Israël, heeft gezondigd en er is een verwijdering ontstaan. Deze psalm is een van de zeven boetepsalmen, ook wel het Profundis genoemd, wat "uit de diepte" betekent. Toch is God er, zelfs in die diepte en ellende: 

"Als U, HEERE, op de ongerechtigheden let, Heere, wie zal staande blijven? 

Maar bij U is vergeving, opdat U gevreesd wordt."

De psalmist blijft de Heere verwachten en roept het volk op hetzelfde te doen. Blijf hopen op de Heere en verwacht het van Hem alleen. God is goed. Vertrouw volkomen op Zijn barmhartigheid; bij Hem is immers veel verlossing.

Hij zal Israël verlossen van ál zijn ongerechtigheid. Deze afsluitende tekst van Psalm 130 doet mij denken aan 1 Johannes 1:9 

"Als wij onze zonden belijden: Hij is getrouw en rechtvaardig om ons de zonden te vergeven en ons te reinigen van alle ongerechtigheid." (1 Johannes 1:9, HSV)

Kan jij, zelfs in de diepte, aanvaarden dat God jou al heeft aanvaard?


dinsdag 5 mei 2026

Lees de Bijbel met mij...125

 Lees Psalm 18, 121, 123 en 124

Onze hulp is in de Naam van de Heer, die hemel en aarde gemaakt heeft. David heft een lof- en danklied aan. Hij richt zich tot God, die hem heeft gered van zijn vijanden. 

Toch klinkt er iets door van eigen verdienste: omdat hij rechtvaardig en rein was, zou God hem hebben bevrijd. Maar je ziet ook dat hij het in de eerste plaats aan Gods trouw toeschrijft. Hij verwacht en gelooft dat God hem ziet en liefheeft en vanuit die liefde handelt.

De almachtige God bemoeit zich met ons, kleine mensen, en buigt zich neer om hen bij te staan die in nood verkeren en naar Zijn willen leven. Zij zien op naar Hem en roepen Hem aan in hun benauwdheid. 

Wij mogen weten dat God bewogen is met ons leven en het beste voor ons zoekt. Als wij verdrukt worden en in nood tot Hem roepen, kan God dat niet verdragen. Hij buigt Zich naar ons toe, komt in actie en sterkt Zijn kinderen.

God zelf komt naar de mensen. Dit heeft Hij ten volle laten zien in Christus, die de straf die ons toekomt heeft gedragen. Hij heeft ons volkomen bevrijd van de zonde en oordeel en ons een nieuw leven gegeven. In Zijn Naam, in Christus zijn wij gered. 


maandag 4 mei 2026

Lees de Bijbel met mij...124 Sterkte in God

 Lees 1 Samuël 28, 29 , 30 en 31

"David werd zeer benauwd, want het volk sprak erover hem te stenigen. De zielen van het hele volk waren namelijk verbitterd, ieder over zijn zonen en over zijn dochters. David echter sterkte zich in de HEERE, zijn God."

De Filistijnen besluiten Israël aan te vallen. Saul, die doodsbang is voor deze overmacht, zoekt raad bij God, maar het blijft stil. In zijn radeloosheid grijpt hij alles aan om zekerheid te krijgen, zelfs datgene wat in Gods ogen een gruwelijke zonde is: hij bezoekt een waarzegster om de overleden Samuël op te roepen. De verschijning voorspelt een somber lot: Saul en zijn zonen zullen de volgende dag bij hem in het dodenrijk zijn.

Ondertussen trekt David op met de Filistijnen, omdat hij de gunst van hun bevelhebber heeft gewonnen. De overige stadsvorsten vertrouwen hem echter niet en sturen hem terug. Wanneer David na drie dagen terugkeert in Ziklag, treft hij een ravage aan; de Amalekieten hebben de stad verbrand en alle vrouwen, kinderen en het vee meegenomen. De mannen keren zich in hun woede tegen David, maar hij herpakt zich en zoekt steun bij de Heere. "Hij sterkt zich in de Heere".

Na Gods raad te hebben geraadpleegd, zet David de achtervolging in. Hij verslaat de Amalekieten, bevrijdt de gevangenen en herovert een enorme buit. David deelt de buit met iedereen, ook met de mannen die te vermoeid waren om mee te vechten; het is immers Gods genade en iedereen mag daarin delen. Terwijl David zegeviert, vindt de fatale strijd tussen de Filistijnen en Israël plaats, waarbij Saul en zijn drie zonen omkomen.

Saul en David waren beiden koning en beiden gelovig, toch was er een groot verschil tussen hen in de manier waarop zij hun geloof beleefden. 

Saul, die de verbinding met God is kwijtgeraakt, zoekt zijn heil in de duisternis. In plaats te aanvaarden dat God een nieuwe koning heeft aangesteld wil hij zelf koning blijven. Hij trekt in eigen kracht ten strijde en vindt de dood.

David daarentegen heeft alles verloren en wordt zelfs door zijn eigen mannen met de dood bedreigd. Hij zoekt zijn kracht echter niet in zichzelf, maar bij de Heere. In Gods kracht trekt hij ten strijde en behaalt de overwinning.

Twee koningen worden geconfronteerd met een diepe crisis. Het verschil tussen hen ligt niet in de afwezigheid van tegenspoed, maar in de bron van hun kracht. Zoek je die kracht in jezelf en voor jezelf, of zoek je die kracht bij God en leef je voor Hem?






zondag 3 mei 2026

Lees de Bijbel met mij...123

De zondag is een goed moment om na te denken over de teksten die je gelezen hebt. Welk teksten hebben je aangesproken. 

Heb je:

een belofte om op te vertrouwen,

een waarschuwing om in acht te nemen,

een waarheid aan te nemen

een opdracht om mee aan de slag te gaan

een bemoediging om in te rusten.

(vragen overgenomen van Life.Church)

David krijgt te maken met vervolging. Ook Jezus maakte zijn discipelen duidelijk dat het volgen van Hem geen gemakkelijk leven zou betekenen. "In de wereld lijden jullie verdrukking, maar houd goede moed: Ik heb de wereld overwonnen."

"Herinner u het woord dat Ik u gezegd heb: Een dienaar is niet meer dan zijn heer. Als zij Mij vervolgd hebben, zullen zij ook u vervolgen; als zij Mijn woord in acht genomen hebben, zullen zij ook het uwe in acht nemen." (Johannes 15:20, HSV)




vrijdag 1 mei 2026

Lees de Bijbel met mij...122 Haat van de wereld

 Lees Psalm 17, 35, 54 en 63

"Maar het woord moet vervuld worden dat in hun wet geschreven is: Zij hebben mij zonder reden gehaat." (Johannes 15:25, HSV)

Zonder reden wordt David gehaat, verraden en vervolgd door mensen die hun geluk in deze wereld zoeken. Zij hebben alleen oog voor de rijkdom van dít leven. David daarentegen wil zich vullen met het beeld van God. Dat valt op, en de wereld moet niets hebben van mensen die God als Koning van hun leven hebben aanvaard.

Zij zijn onbegrijpelijk en ongrijpbaar geworden voor hun omgeving; de dingen van de wereld kunnen hen niet meer boeien. Geluk, vreugde en vrede worden immers niet in de wereld gevonden. Werelds geluk is slechts tijdelijk en gaat vaak gepaard met onrecht, egoïsme en geweld. David wil daar geen onderdeel meer van zijn.

"Bevrijd mij met Uw hand van de mannen, HEERE, van de mannen van de wereld, die hun deel hebben in dít leven. U vult hun buik met Uw verborgen schatten; hun kinderen worden verzadigd en laten hun overschot na aan hún kinderen. Ik echter zal in gerechtigheid Uw aangezicht aanschouwen; ik zal, wanneer ik ontwaak, verzadigd worden met Uw beeld." (17:14-14, HSV)

Terwijl de wereld zelfzuchtig is, leeft David vanuit Gods perspectief. Daardoor kan hij God blijven loven en prijzen, zelfs nu hij op de vlucht is en de omstandigheden zwaar zijn. Juist in deze benauwdheid ervaart hij God het dichtstbij. 

Later, wanneer hij eenmaal gesetteld is, zie je dat hij van God afdrijft. Dit wijst erop dat je juist wanneer je zwak bent, sterker bent door de kracht van de Heer. Vertrouw daarom niet op je eigen kracht, maar blijf leven in afhankelijkheid.

Welk deel kies jij?


Lees de Bijbel met mij...121 Gastvrijheid

Lees 1 Samuël 25, 26 en 27

David vestigt zich in de buurt van de Karmel. Een afstammeling van Kaleb is daar de rijkste man in de omgeving. David stuurt tien mannen naar hem toe om om voedsel te vragen, maar deze Nabal is totaal niet gastvrij. Hij gedraagt zich grof en vijandig.

Wanneer Nabals vrouw, Abigaïl, hiervan hoort, beseft ze direct dat haar man zichzelf in een hachelijke situatie heeft gebracht. Ze verzamelt snel proviand en vertrekt richting David. Deze was inderdaad al onderweg met een leger van 400 man om wraak te nemen. David laat zich echter overtuigen door Abigaïls wijsheid en neemt haar geschenken aan.

Wanneer ze Nabal de volgende dag vertelt wat ze heeft gedaan, krijgt hij een beroerte en sterft hij kort daarna. David neemt Abigaïl vervolgens tot vrouw. Ook trouwt hij met Ahinoam, een vrouw uit Jizreël. Davids eerdere vrouw Michal, de dochter van Saul, is inmiddels door haar vader aan een andere man gegeven.

Na de dood van Samuël wordt Saul opnieuw opgehitst om David te doden. Terwijl Saul en zijn mannen slapen, sluipt David hun kamp binnen. Hoewel hij de kans krijgt, doodt hij Saul – de gezalfde van de Heer – niet. Wanneer Saul dit ontdekt, ziet hij in dat hijzelf degene is die onrecht begaat en hij vertrekt.

David besluit in Ziklag te gaan wonen, in het gebied van de Filistijnen. Hij overvalt de omliggende dorpen van vijandige stammen, maar vertelt de Filistijnse koning dat hij dorpen van Israël aanvalt. Hierdoor wint hij het volledige vertrouwen van de Filistijnen; zij denken dat hij nu voorgoed bij hen zal blijven wonen omdat hij zijn eigen volk gehaat heeft gemaakt.

Hoe ga je om met vijandige mensen? Wraak of vrede...geef je het over aan God.


Lees de Bijbel met mij...167 Zekerheid

 Lees Psalm 61, 62 en 64 "Leid mij op een rots die voor mij te hoog zou zijn."David vertrouwt God volkomen. God is een toevlucht, ...