Posts tonen met het label De Bijbel lezen. Alle posts tonen
Posts tonen met het label De Bijbel lezen. Alle posts tonen

dinsdag 6 oktober 2026

Lees de Bijbel met mij...278

 Lees Jeremia 10, 11, 12 en 13

“Niemand, HEERE, is U gelijk, groot bent U en groot is Uw Naam in sterkte...De HEERE God is echter de Waarheid, Hij is de levende God, een eeuwig Koning. Voor Zijn grote toorn beeft de aarde, de heidenvolken kunnen Zijn gramschap niet verdragen.” (Jeremia 10:6, 10, HSV)

God is de Schepper van hemel en aarde; wat zijn de creaties van de mens daarbij vergeleken? Hoe is het mogelijk dat zij het werk van hun eigen handen aanbidden en in de schepping Gods werk niet kunnen ontdekken? Jeremia worstelt met de voorspoed van de goddelozen.

Hij waarschuwt het volk, maar zelfs de profeten uit Anathoth — de groep waar hij aanvankelijk zelf deel van uitmaakte — staan hem nu naar het leven. Zij kunnen de waarheid niet verdragen, want ook zij zijn niet vrij van zonde. Zelfs de familieleden van Jeremia zijn niet te vertrouwen, al doen ze vriendelijk. Ze zijn vals en verraderlijk.

Hoewel het volk in ballingschap zal gaan, zal God Zich uiteindelijk weer over hen ontfermen. Niet alleen over Israël, maar ook over de heidenvolken die via hen de HEERE leren kennen en voor Hem willen leven.

De ballingschap heeft ook een positieve kant: het volk komt tot inkeer en ook andere volken leren door Israëls ballingen God kennen. Dit is vergelijkbaar met de vervolging van de discipelen, die er juist voor zorgde dat steeds meer mensen in aanraking kwamen met het evangelie.


maandag 5 oktober 2026

Lees de Bijbel met mij...277

 Lees Jeremia 7, 8 en 9

Jeremia spreekt de mensen aan op hun schijnheiligheid. Ze doen slechte daden en denken dat hun gang naar de tempel hen zal beschermen. Slechte daden doen en dan voor Gods aangezicht komen staan en zeggen: "Wij zijn gered ” Gered om door te gaan met slechte daden?

God zal de tempel wegnemen net als hij de Heilige plaats Silo heeft verlaten en verwoest.

God wil geen brandoffers of slachtoffer maar wil dat Zijn volk naar Hem luistert en gehoorzaam is. Shema Israël...“Maar deze zaak heb Ik hun geboden: Luister naar Mijn stem. Dan zal Ik u tot een God zijn, en ú zult Mij tot een volk zijn. Bewandel heel de weg die Ik u gebieden zal en het zal u goed gaan." (Jeremia 7:23, HSV)

Al vanaf Israël is bevrijd uit Egypte heeft het niet geluisterd en volgt het z'n eigen boze hart. Niemand schaamte zich of heeft berouw en niemand bekeert zich. Verschrikkelijk als mensen zich beroemen in hun eigen wijsheid, kracht en bezit.

“Maar laat wie zich beroemt, zich daarop beroemen dat hij begrijpt en Mij kent dat Ik de HEERE ben, Die goedertierenheid bewijs, recht en gerechtigheid op de aarde doe, want in die dingen vind Ik vreugde, spreekt de HEERE.” (Jeremia 9:24, HSV)

“Wat zullen wij dan zeggen? Zullen wij in de zonde blijven, opdat de genade toeneemt? Volstrekt niet! Hoe zullen wij, die met betrekking tot de zonde gestorven zijn, nog daarin leven? Of weet u niet dat wij allen die in Christus Jezus gedoopt zijn, in Zijn dood gedoopt zijn? Wij zijn dan met Hem begraven door de doop in de dood, opdat evenals Christus uit de doden is opgewekt tot de heerlijkheid van de Vader, zo ook wij in een nieuw leven zouden wandelen...Zo dient ook u uzelf te rekenen als dood voor de zonde, maar levend voor God in Christus Jezus, onze Heere. Laat de zonde dan niet in uw sterfelijk lichaam regeren om aan de begeerten daarvan te gehoorzamen.” (Romeinen 6:1-4, 11-12, HSV)




zondag 4 oktober 2026

Lees de Bijbel met mij...276

 De zondag is een goed moment om na te denken over de teksten die je gelezen hebt. Welk teksten hebben je aangesproken. 

Heb je:

een belofte om op te vertrouwen,

een waarschuwing om in acht te nemen,

een waarheid aan te nemen

een opdracht om mee aan de slag te gaan

een bemoediging om in te rusten.

(vragen overgenomen van Life.Church)




zaterdag 3 oktober 2026

Lees de Bijbel met mij...275

 Lees Jeremia 4, 5 en 6

“Zie, Ik ga over u een volk van ver weg brengen, huis van Israël, spreekt de HEERE. Een taai volk is het, een volk, van oude tijden af is het er, een volk waarvan u de taal niet kent, en niet verstaat wat het spreekt.” (Jeremia 5:15, HSV)

God waarschuwt dat het oordeel onvermijdelijk is. Het oordeel komt uit het noorden; een vijandig volk zal Jeruzalem en Israël tot een woestenij maken. Er is geen ontkomen meer aan. Het volk blijft hardnekkig vasthouden aan zijn zonden en bekeert zich niet. Toch zal deze vernietiging niet het definitieve einde betekenen. Hoewel het volk dit oordeel aan zichzelf heeft te danken door zijn eigen wegen en daden, zal God er geen vernietigend einde aan maken.

“Want allen hebben gezondigd en missen de heerlijkheid van God, en worden om niet gerechtvaardigd door Zijn genade, door de verlossing in Christus Jezus.” (Romeinen 3:23-24, HSV)

De mens heeft niet door wat hij mist. Zijn daden onthouden hem het goede van God. God wil ons een overvloedig en vol leven geven, maar de mens denkt rijker te worden door alleen voor zichzelf te leven. De God van het leven wil ons bevrijden van onszelf, opdat we werkelijk vrij zullen zijn. Jezus bevrijdt ons van ons oude leven en geeft ons een heel nieuw leven, waarin Zijn Geest stromen van levend water laat vloeien om werkelijk tot zegen te kunnen zijn. Hij vormt ons naar Zijn beeld, opdat Hij door ons leven zichtbaar mag worden.



vrijdag 2 oktober 2026

Lees de Bijbel met mij...274

 Lees Jeremia 1,2 en 3

Jeremia was de zoon van Hilkia, een priester uit Anatot (mogelijk de hogepriester die als opzichter was aangesteld om de bouwvallige tempel te herstellen). Tijdens die herstelwerkzaamheden werd het wetboek gevonden, waardoor koning Josia het land weer volgens Gods wet kon reinigen en besturen. Jeremia was actief als profeet totdat de bevolking van Jeruzalem onder koning Zedekia in ballingschap werd weggevoerd.

Jeremia werd door God geroepen tot profeet om te spreken tegen het afvallige Israël en het trouweloze Juda. God droeg hem op niet bang te zijn, omdat Hij hem zou beschermen en met hem zou zijn.

Via de profeet spreekt God Zijn verontwaardiging uit: hoe is het mogelijk dat dit volk de levende God inruilde voor het werk van hun eigen handen? Het volk ging zijn eigen lusten achterna om maar geen dienaar van God te hoeven zijn, maar ondertussen werden de mensen een slaaf van zichzelf.

“Ontzet u hierover, hemel, huiver, wees zeer ontsteld, spreekt de HEERE. Want Mijn volk heeft een dubbel kwaad gedaan: Mij, de bron van levend water, hebben zij verlaten, om zich bakken uit te hakken, lekkende bakken, die geen water houden. Is Israël dan een slaaf? Of is hij een in huis geboren slaaf? Waarom is hij dan een prooi geworden?” (Jeremia 2:12-14, HSV)

Het onheil dat Israël overkomt wordt veroorzaakt door hun eigen kwaad. Ze ondervinden de gevolgen van hun eigen afdwalingen. Het enige dat God wil is dat het volk erkent dat ze verkeerd hebben gehandeld. Maar het bolk Israël blijft ontkennen en vraagt zich af waarom dit kwaad hen overkomt.

“Alleen, erken uw ongerechtigheid, want u bent tegen de HEERE, uw God, in opstand gekomen, en u hebt zich in alle richtingen verspreid op zoek naar de vreemden, onder elke bladerrijke boom, maar u hebt niet geluisterd naar Mijn stem, spreekt de HEERE. Keer terug, afkerige kinderen, spreekt de HEERE, want Ík heb u getrouwd. Ik zal u nemen, één uit een stad en twee uit een geslacht, en Ik zal u naar Sion brengen.” (Jeremia 3:13-14, HSV)

God wil hen kennis en verstand geven en hen weer herstellen. Jeruzalem zal de troon van de HEERE worden en de ark van het verbond zal niet meer nodig zijn. God schrijft immers Zijn wet door de Heilige Geest in ons hart (zoals staat in Jeremia 31:33 en Hebreeën 8:10). Niet langer zullen zij hun boosaardige, afvallige hart achterna gaan. Shema Israël...

"Volg je hart?" Ik dacht het niet!

“U bidt wel, maar u ontvangt niet, omdat u verkeerd bidt, met het doel het in uw hartstochten door te brengen.” (Jakobus 4:3, HSV)


donderdag 1 oktober 2026

Lees de Bijbel met mij...273

 Lees Zefanja 1, 2 en 3

De geslachtslijn van de profeet Zefanja laat zien dat hij een nakomeling was van koning Hizkia. Hij profeteerde in de dagen van koning Josia.

Hoewel Josia ingrijpende hervormingen doorvoerde, lazen we gisteren dat het oordeel onherroepelijk over Juda zal komen. Dit oordeel treft niet alleen Juda, maar alle volken die zich niets van God aantrekken en hoogmoedig zeggen: "Ik, en verder niemand." Zij leven alsof God niet bestaat en bekommeren zich alleen om hun eigen leven. En dat terwijl God juist goed en rechtvaardig is; elke morgen brengt Hij Zijn recht aan het licht, maar de volken willen daar niets van weten.

Zefanja spreekt indringend over de Dag van de HEERE:

Zefanja spreekt over de dag van de Heere.“De grote dag van de HEERE is nabij; hij is nabij en nadert zeer snel. Hoor, de dag van de HEERE! De held zal daar bitter schreeuwen!”

God roept dringend op om Hem te zoeken, en om zachtmoedigheid en gerechtigheid na te streven. Misschien zullen zij dan verborgen mogen blijven op de dag van de toorn van de HEERE.

Ondanks alle zonden zal God uiteindelijk Zelf herstel brengen, ook onder de heidenvolken:

“Voorzeker, dan zal Ik bij de volken de lippen veranderen in reine lippen, zodat zij allen de Naam van de HEERE zullen aanroepen, om Hem schouder aan schouder te dienen.” (Zefanja 3:9, HSV)

Zowel de volken als Israël zullen worden bevrijd. Het boek sluit af met een prachtige belofte van Gods nabijheid en liefde:

“De HEERE, uw God, is in uw midden, een Held, Die verlossen zal. Hij zal Zich over u verheugen met blijdschap. Hij zal zwijgen in Zijn liefde. Hij zal Zich over u verblijden met gejuich.” (Zefanja 3:17, HSV)


woensdag 30 september 2026

Lees de Bijbel met mij...272

 Lees 2 Koningen 22 en 23 en 2 Kronieken 34 en 35

“En zie, er kwam een man Gods door het woord van de HEERE uit Juda naar Bethel, terwijl Jerobeam bij het altaar stond om een reukoffer te brengen. Hij riep tot het altaar, door het woord van de HEERE, en zei: Altaar, altaar, zo zegt de HEERE: Zie, in het huis van David zal een zoon geboren worden, van wie de naam Josia zal zijn. Die zal op u de priesters van de hoogten offeren, die op u reukoffers brengen. Ja, men zal mensenbeenderen op u verbranden.” (1 Koningen 13:1-2, HSV)

Na meer dan 300 jaar wordt deze profetie van de naamloze profeet uit Juda vervuld. Koning Josia, de zoon van Amon, was destijds al bij name genoemd. Hij doet wat goed is in de ogen van de HEERE, herstelt de tempel en verbrandt de afgodsbeelden van de vorige koningen in het Kidrondal.

Wanneer het wetboek wordt gevonden, beseft Josia hoever het volk van God is afgedwaald. Hij laat de wet aan het hele volk voorlezen en sluit een verbond met hen voor het aangezicht van de HEERE.

Vervolgens viert Josia het Pascha zoals geen enkele koning in Israël of Juda dat sinds de tijd van de richters had gedaan. Hij wil de woorden van de wet volmaakt uitvoeren. Zowel in Juda als in Israël.

“Vóór hem was er geen koning aan hem gelijk, die zich met heel zijn hart, heel zijn ziel en met heel zijn kracht tot de HEERE bekeerd had, overeenkomstig de hele wet van Mozes; en na hem stond zijns gelijke niet op.” (2 Koningen 23:25, HSV)

Dat is nogal een getuigenis. Toch staat het oordeel van God over Juda vast vanwege de eerdere zonden van Manasse. Juda zal in ballingschap gaan en Jeruzalem zal worden verwoest, maar Josia zal deze ellende zelf niet meer meemaken.

Josia sneuvelt 13 jaar later bij Megiddo in de strijd tegen farao Necho op 39 jarige leeftijd. Hij heeft 31 jaar geregeerd. 

Zijn zoon Joahaz wordt daarna tot koning gezalfd, maar hij wordt al na drie maanden door de farao afgezet. Farao Necho stelt vervolgens een andere zoon van Josia, Eljakim (wiens naam hij verandert in Jojakim), aan als koning die hem belastingen moet betalen.

Net als hun voorvaderen doen ook de zonen van Josia wat slecht is in de ogen van de HEERE.

dinsdag 29 september 2026

Lees de Bijbel met mij...271

 Lees Nahum 1, 2 en 3

Het boek Nahum begint met een loflied over wie God is voor Zijn vrienden, maar bovenal voor Zijn vijanden. Hebreeën zegt eveneens dat het vreselijk is om te vallen in de handen van de levende God. Wie kan zich meten met God en wie durft er tegen Hem op te staan? Dit loflied richt zich echter niet alleen op de vijand, maar ook op de mens die bij God een schuilplaats zoekt. God kent hen. De Heere is goed en geduldig, maar Hij zal de schuldige zeker niet onschuldig houden.

Nahum brengt een profetie over Ninevé, de hoofdstad en het religieuze centrum van de Assyriërs. Zij hebben Israël al weggevoerd en dreigen nu ook Juda te vernietigen, maar de maat is vol en God grijpt in. Babel zal komen en Ninevé, de ‘bloedstad’, vernietigen. Alle rijkdom die de Assyriërs als buit meenamen van vele overwonnen volken, zal worden geplunderd. 

Juda zal worden bevrijd, en de verderfelijke man zal er voortaan niet meer doorheen trekken. Ninevé zal definitief worden vernietigd om haar geweld en toverijen. Zoals later zal blijken komt deze profetie uit en Juda wordt bevrijd alleen nog niet bevrijd van haarzelf. De afgoderij in Juda gaat door. Toch zullen ze afdrijven ze van God.

Niet één mens is rechtvaardig voor God. God heeft ook hier een einde aan gemaakt in Christus Jezus.

“Door de overtreding van die ene mens [Adam] regeerde de dood in de wereld. Hoeveel meer is er door die andere mens, Jezus Christus, gebeurd! Door zijn overvloedige genade is vrijspraak mogelijk geworden. Wie dat grote geschenk van Hem aannemen, zullen samen met Hem regeren in het eeuwige leven. Dus, zoals door die ene overtreding van Adam alle mensen werden veroordeeld, worden door die ene goede daad van Christus alle mensen vrijgesproken, zodat zij kunnen leven. Zoals de ongehoorzaamheid van Adam tot gevolg had dat alle mensen zondaars werden, is het gevolg van de gehoorzaamheid van Christus dat alle mensen rechtvaardig verklaard zullen worden. ”

Romeinen 5:17-19 HTB

Maar dan moet je dit wel aanvaarden!



maandag 28 september 2026

Lees de Bijbel met mij...270

 Lees 2 Kronieken 32 en 33

“Wees sterk en moedig, wees niet bevreesd en niet ontsteld vanwege de koning van Assyrië, en ook niet vanwege heel de troepenmacht die met hem is, want met ons is er meer dan met hem." (2 Kronieken 32:7 HSV)

Hizkia en Jesaja baden en riepen naar de hemel tot God. Zij wisten: God is met ons. Door de hoogmoed van de koning van Assyrië en zijn goddeloze woorden, werd zijn leger door God Zelf uitgeschakeld. Dit was een groot wonder van verlossing.

Kort daarna werd Hizkia ook nog genezen van een dodelijke ziekte, maar toen gebeurde er iets bijzonders:

“Jehizkia toonde zich echter niet dankbaar voor de weldaad die Hij hem bewezen had, maar werd hoogmoedig. Daarom rustte er hevige toorn op hem, op Juda en op Jeruzalem. ” (2 KRONIEKEN 32:25, VB)

Hizkia deed alsof het vanzelfsprekend was wat God had gedaan. Hij handelde alsof zij de genade van God zelf verdiend hadden, omdat ze dachten beter te zijn dan de Assyriërs. God verliet Hizkia tijdelijk om hem op de proef te stellen en te zien wat er werkelijk in zijn hart leefde. Hizkia werd trots op zijn rijkdom en op wat hij had bereikt. Hij vergat dat alles pure genade was...Het was Gods barmhartigheid die hen redde en rijk maaktte.

Zijn zoon Manasse wilde aanvankelijk niets van God weten, totdat hij gevangen werd genomen en tot inkeer kwam. Hij verootmoedigde zich diep voor God, waarna hij werd bevrijd en zijn fouten probeerde te herstellen. Maar zijn zoon Amon maakte er op zijn beurt weer een grote puinhoop van; hij vernederde zich niet voor de HEERE en bekocht dit uiteindelijk met de dood.

Erkennen wij dat de Heere God is?


zondag 27 september 2026

Lees de Bijbel met mij...269

De zondag is een goed moment om na te denken over de teksten die je gelezen hebt. Welk teksten hebben je aangesproken. 

Heb je:

een belofte om op te vertrouwen,

een waarschuwing om in acht te nemen,

een waarheid aan te nemen

een opdracht om mee aan de slag te gaan

een bemoediging om in te rusten.

(vragen overgenomen van Life.Church)




zaterdag 26 september 2026

Lees de Bijbel met mij 268

 Lees 2 koningen 20 en 21

Na de indrukwekkende reformatie van Hizkia wordt Manasse op twaalfjarige leeftijd koning. Hij is een kind dat in genadetijd is geboren, Hizkia had na zijn ziekte van God nog vijftien jaar extra gekregen. Met de troonsbestijging van Manasse is het volk echter in één klap weer terug bij af. Alle offerhoogten worden herbouwd en de tempel verandert opnieuw in een plaats van afgoderij. Manasse gaat zelfs zo ver dat hij zijn eigen kinderen als offer aan de afgoden verbrandt om hen gunstig te stemmen.


Het volk was in de tijd van Hizkia niet werkelijk bekeerd. De reformatie had hun hart niet werkelijk veranderd. God dienen  was bij een  uiterlijke aanpassing gebleven. De afgoderij was als een veenbrand blijven smeulen. Ze doen dan ook gretig met Manasse mee. Binnen de kortste keren is de afgodendienst weer volledig opgetuigd. Manasse zondigt hierdoor zelfs erger dan de heidenvolken die de HEERE vóór de Israëlieten had verdreven. Ondanks dat Manasse deed wat slecht was in de ogen van de HEERE, regeert hij maar liefst 55 jaar. Aan het einde van zijn leven, na een periode van gevangenschap in Babel, komt hij overigens diep tot inkeer en herstelt hij de dienst aan God. (2 Kronieken 33)

Na zijn sterven neemt zijn zoon Amon het stokje over. Hij gaat verder met de goddeloze daden van zijn vader, maar regeert maar twee jaar. Amon wordt door zijn eigen hovelingen vermoord, waarna de bevolking van het land opstaat en de moordenaars ter dood brengt.

Bekering ontstaat niet door de overtuigingskracht van een gezaghebbend persoon; het is een openbaring van God Zelf. Ware godsdienst kan niet van buitenaf worden opgelegd, maar moet voortkomen uit een hart dat door God is geraakt en veranderd.

donderdag 24 september 2026

Lees de Bijbel met mij...267

 Lees Jesaja 64, 65 en 66

De laatste hoofdstukken van Jesaja gaan vooral over het herstel van het volk Israël. In de tijd van Jesaja, die leefde tot en met de regering van koning Hizkia, werden in Juda al heilige steden verwoest en met vuur verbrand toen de vijand oprukte. Toch spreekt de tekst ook over Jeruzalem dat tot een woestenij is geworden, iets wat pas na de regeringsperiode van Hizkia (tijdens de Babylonische ballingschap) gebeurde.

God laat Zich vinden; ondanks dat het volk het niet verdient, laat God Zijn stem horen: "Hier ben Ik." God blijft Zijn volk uitnodigen om bij Hem te komen. Voor degenen die op Zijn uitnodiging ingaan, zal Hij genadig zijn. Maar wie Hem afwijzen en doorgaan met hun zondige praktijken, zal Hij overgeven aan hun eigen ongerechtigheid en wegvagen.

God zal een nieuwe hemel en een nieuwe aarde scheppen. Hij schept vreugde en blijdschap tot in eeuwigheid. God zal altijd nabij zijn en mensen zullen in vrede met elkaar samenleven. Niet alleen Israël, maar ook de heidenvolken zullen delen in deze genade.

“Want zo lief heeft God de wereld gehad, dat Hij Zijn eniggeboren Zoon gegeven heeft, opdat ieder die in Hem gelooft, niet verloren gaat, maar eeuwig leven heeft. Want God heeft Zijn Zoon niet in de wereld gezonden opdat Hij de wereld zou veroordelen, maar opdat de wereld door Hem behouden zou worden.” (Johannes 3:16-17, HSV)


Lees de Bijbel met mij...266

 Lees Jesaja 61, 62 en 63

Goed nieuws voor mensen die ontmoedigd zijn: God kondigt een jaar van Zijn welbehagen en verlossing aan en één dag van wraak. Het goede is groter en duurt langer dan het kwaad. God schenkt herstel, troost en bevrijding. Het is Gods werk. Hij zal Zich over Zijn volk verheugen zoals een bruidegom zich verheugt over zijn bruid.

De stad zal een nieuwe naam krijgen, die de Heere Zelf zal bepalen: "Mijn welbehagen" (Hefziba) en "Mij getrouwd" (Beula), omdat de Heere diep verlangt naar Zijn volk. Dit volk is door God geschapen om aan de andere volken Gods majesteit te tonen; zij zullen worden genoemd: "Het heilige volk, de verlosten van de Heere."

God zal onze Vader worden genoemd, omdat Hij Zijn volk van oudsher verlost. Met liefde ziet Hij om naar het werk van Zijn handen, Zelfs toen het volk Zijn Heilige Geest bedroefde. God zal Zijn Geest schenken en Zijn volk terugbrengen.

Hoewel deze profetie historisch gezien is uitgekomen bij de terugkeer onder Ezra en Nehemia, wijst zij nog veel verder vooruit: naar de eindtijd, wanneer de verlossing volmaakt zal zijn in en door God. Veel teksten uit deze hoofdstukken van Jesaja keren terug in het Bijbelboek Openbaring van Johannes.

“ Ik, Jezus, heb Mijn engel gezonden om bij u in de gemeenten van deze dingen te getuigen. Ik ben de Wortel en het Nageslacht van David, de blinkende Morgenster. En de Geest en de bruid zeggen: Kom! En laat hij die het hoort, zeggen: Kom! En laat hij die dorst heeft, komen; en laat hij die wil, het water des levens nemen, voor niets.” (Openbaring 22:16-17, HSV)



woensdag 23 september 2026

Lees de Bijbel met mij...265

 Lees Jesaja 57, 58, 59 en 60

Jesaja ziet het gebeuren: goede mensen komen om. In dit gedeelte staat de reden: "De rechtvaardige wordt weggenomen voor het kwaad", maar er staat ook: "hij zal in vrede heengaan".

De zondaar is blij. De mensen door wie hij zich veroordeeld voelde, zijn weg en hij voelt zich weer vrij om te doen wat hij wil.

Ook Jesaja is zijn leven niet zeker tussen zulke mensen, maar hij vertrouwt volkomen op Gods bescherming. Hij blijft hen aanspreken op hun gedrag. Hij roept hen op om bij God te schuilen en niet te hopen op menselijke afgoden, die nooit verzadigd zullen zijn.

Jesaja sluit hierbij aan op Psalm 138 (en herinnert aan Psalm 34 en 51), waarin staat dat God in de hoge en in het heilige woont, maar óók bij de verbrijzelde en nederige van geest. Dezen zullen opleven. "Zalig zijn de armen van geest", want God zal hen genezen, leiden en troosten, zodat zij ware vrede ontvangen.

Zoek God door te doen wat Hij van je vraagt: door Zijn karakter te weerspiegelen in een donkere wereld en door de ander te schenken wat je zelf in zijn plaats zou willen ontvangen. Als je de liefde van God doorgeeft, zal God zichtbaar worden. Dan kun je je verheugen in Zijn nabijheid.

Maar mensen blijven onrecht verkiezen boven rechtvaardige daden, omdat zij alleen aan zichzelf denken. Niemand is rechtvaardig, ook niet één. Toch geeft God een belofte en een verbond aan hen die zich van hun zonden bekeren 

“Wat Mij betreft, dit is Mijn verbond met hen, zegt de HEERE: Mijn Geest, Die op U is, en Mijn woorden die Ik U in de mond gelegd heb, zullen uit Uw mond niet wijken, ook niet uit de mond van Uw nakomelingen, evenmin uit de mond van de nakomelingen van Uw nakomelingen, zegt de HEERE, van nu aan tot in eeuwigheid.” (Jesaja 59:21, HSV)

Gods licht zal opgaan en gezien worden. De zon zal overdag niet meer tot een licht voor u zijn en de maan zal u niet meer verlichten; maar de HEERE zal voor u tot een eeuwig licht zijn.

dinsdag 22 september 2026

Lees de Bijbel met mij...264

 Lees Jesaja 53, 54, 55 en 56



“En wij verkondigen u de belofte die aan de vaderen gedaan is, namelijk dat God die vervuld heeft aan ons, hun kinderen, door Jezus te verwekken, zoals ook in de tweede psalm geschreven staat: U bent Mijn Zoon, heden heb Ik U verwekt.” (Handelingen 13:32-33, HSV)

God belooft dat Hijzelf Zijn volk zal redden van hun zondige leven. God openbaart Zijn reddingsplan, en dit plan wordt bijna tot in de kleinste details beschreven.

Niet alleen het volk Israël zal weer verzameld worden, maar ook de andere volken zullen delen in Gods liefde en genade.

Gods reddingsplan wordt het meest zichtbaar in Jesaja 53 (het hoofdstuk dat ook de kamerling uit Ethiopië las): het lied van de Lijdende Dienaar.

"En de kamerling antwoordde ​Filippus​ en zei: Ik vraag u, over wie zegt de ​profeet​ dit? Over zichzelf of over iemand anders? En ​Filippus​ deed zijn mond open en, uitgaande van dat Schriftwoord, verkondigde hij hem ​Jezus." (Handelingen 8)

• Afgewezen en eenvoudig (v. 2-3) → Jezus had geen koninklijke status en werd door velen niet geloofd.

• Plaatsvervangend lijden (v. 4-5) → Jezus droeg de straf voor onze zonden aan het kruis.

• Doorstoken en gewond (v. 5) → Jezus werd doorboord met spijkers en een lans; Zijn striemen brachten genezing.

• Zwijgen als een lam (v. 7) → Jezus verdedigde Zichzelf niet tijdens Zijn rechtszaak.

• Gekruisigd tussen misdadigers (v. 9) → Zijn graf werd "bij de goddelozen gesteld" (de twee misdadigers naast Hem).

• Begraven in een rijk graf (v. 9) → Jezus werd begraven in het privégraf van de rijke Jozef van Arimathea.

• Volkomen onschuldig (v. 9) → Jezus leefde zonder zonde of bedrog; Pilatus vond geen schuld in Hem.

• Weer levend na de dood (v. 10-11) → De Knecht sterft als offer, maar "verlengt Zijn dagen", wat wijst op Jezus' opstanding.

• Bidden voor beulen (v. 12) → Jezus bad aan het kruis: "Vader, vergeef het hun".

Dit hoofdstuk uit Jesaja wordt bijna nooit door Joden gelezen. Wekelijks, bij de afsluiting van de sjabbat, wordt er gelezen uit de profeten: de Haftara. De Haftara is een wereldwijde leeskalender en blijft van jaar tot jaar hetzelfde. Elk jaar lezen zij dezelfde gedeelten, maar... Jesaja 53 wordt overgeslagen. Juist het hoofdstuk dat zo duidelijk naar Jezus wijst. 

Gods wegen en gedachten zijn hoger dan die van mensen. Want wie geloofd is een Strijder zonder wapens, een Koning die zich laat doden... Zijn Woord zal doen wat Hem behaagd. Zijn Koninkrijk kome...



maandag 21 september 2026

Lees de Bijbel met mij...263

 Lees Jesaja 49, 50, 51 en 52

God zal Zich verheerlijken in Zijn knecht Israël. Als de Heilige van Israël zal Hij verlossing brengen. God roept: "Kom tevoorschijn!" en Hij zal Israël terugbrengen. Hij zal Zich over de ellendigen ontfermen, hen troosten en hen leiden naar waterbronnen. Het ontvolkte land zal zelfs te krap worden voor de vele ballingen die terugkeren. Zo zal voor iedereen duidelijk worden dat dit het werk van de Heere is.

God vraagt Zich echter ook af waarom het volk niet bij Hem kwam om hulp. Ondanks de grote tegenstand die Jesaja van mensen ervaart, mag hij een boodschap van hoop brengen. Hij vertrouwt op God, die hem recht zal doen. Wie vreest de Heere en wil naar Zijn knecht luisteren? De aarde is maar tijdelijk, maar Gods heil is eeuwig; Hij is de Maker van al wat is. Steeds weer roept Hij Zijn volk toe: "Zie, hier ben Ik." Zijn volk zal Zijn Naam kennen.

De hoofdstukken die we net gelezen hebben staan vol met namen van God. (De Heilige van Israël, De Verlosser van Israël, Redder, Machtige van Jakob, Maker, Ontfermer, Hij Die u troost, HEERE van de legermachten)

"Wie is naar de hemel omhooggekomen en weer gedaald? Wie heeft de wind in Zijn vuisten verzameld? Wie heeft de wateren in een kleed gebonden? Wie heeft alle einden der aarde vastgesteld? Hoe is Zijn Naam en hoe is de Naam van Zijn Zoon, als u het weet?" (Spreuken 30:4)

zondag 20 september 2026

Lees de Bijbel met mij...262

De zondag is een goed moment om na te denken over de teksten die je gelezen hebt. Welk teksten hebben je aangesproken. 

Heb je:

een belofte om op te vertrouwen,

een waarschuwing om in acht te nemen,

een waarheid aan te nemen

een opdracht om mee aan de slag te gaan

een bemoediging om in te rusten.

(vragen overgenomen van Life.Church)



zaterdag 19 september 2026

Lees de Bijbel met mij...261

 Lees Psalm 46, 80 en 135


“ HEERE, Uw Naam bestaat voor eeuwig; De gedachtenis aan U, HEERE, is van generatie op generatie.  Want de HEERE zal Zijn volk recht verschaffen en het zal Hem berouwen over Zijn dienaren.” (Psalm 135:13-14, HSV)

Jahweh Zebaoth, de HEERE van de legermachten (of: Heer van de hemelse machten). Met deze machtige Naam wordt God in de psalmen aangeroepen.

Vertrouw op God, zelfs als de aarde wankelt en de zeeën bruisen. God is voor ons een toevlucht en een kracht. Hij is de Strijder voor het volk Israël. De boodschap aan de vijanden is helder: „Geef het maar op... je vecht tegen God, de Beschermer van Israël.” Zelf de heidenvolken zullen Hem leren kennen door Zijn werken. Heel de aarde zal het zien.

God is de Herder die voor Israël zal strijden en verlossing zal brengen. Ondanks dat het volk in ballingschap is gegaan (of zwaar onderdrukt wordt), blijven de gelovigen op God vertrouwen en Hem aanroepen. Een lied van voorbede voor Efraïm, Benjamin en Manasse: „Verlos hen en breng hen terug.”

Israël is het persoonlijke eigendom van de Heere. Gods grootheid wordt bezongen  die alles en iedereen te boven gaat. Hij is de Strijder die Zijn volk zal verlossen en recht zal doen. Hij die de Verlossing in Christus heeft gegeven.

“ En in gedaante als een mens bevonden, heeft Hij Zichzelf vernederd en is gehoorzaam geworden, tot de dood, ja, tot de kruisdood. Daarom heeft God Hem ook bovenmate verhoogd en heeft Hem een Naam geschonken boven alle naam, opdat in de Naam van Jezus zich zou buigen elke knie van hen die in de hemel, en die op de aarde, en die onder de aarde zijn, en elke tong zou belijden dat Jezus Christus de Heere is, tot heerlijkheid van God de Vader.” (Filippenzen 2:8-11, HSV)




vrijdag 18 september 2026

Lees de Bijbel met mij...260

 Lees 2 Koningen 18:9-46 en 19

Israël is door Assyrië in ballingschap weggevoerd en daarna worden ook de versterkte steden van Juda aangevallen. Zelfs Jeruzalem wordt belegerd. Koning Hizkia bidt tot God en zoekt de weg die God met Zijn volk wil gaan. 

Hij vraagt de profeet Jesaja om raad, omdat hij de wil van de Heere wil kennen. Jesaja bemoedigt hem namens God: de Heere zal Jeruzalem beschermen en redden, omwille van Zichzelf en omwille van Zijn dienaar David.

 Menselijkerwijs lijkt er geen enkele oplossing te zijn om de aanval van de machtige Assyriërs af te wenden, maar bij God zijn alle dingen mogelijk. Eerst zorgt God ervoor dat de Assyrische koning Sanherib een gerucht hoort over een oprukkende vijand, waardoor hij zijn beleg tijdelijk moet opschorten. Vanwege de enorme hoogmoed van de koning en zijn lastering van de levende God, grijpt de Engel van de Heere in: in één nacht sterven er 185.000 Assyrische soldaten in het legerkamp. 

Sanherib keert beschaamd terug naar Nineve. De bevelhebber die Hizkia en God zo hoogmoedig uitdaagde, wordt later door zijn eigen zonen vermoord terwijl hij knielt in de tempel van zijn afgod Nisroch. God heeft Jeruzalem op wonderbaarlijke wijze trouw beschermd.

woensdag 16 september 2026

Lees de Bijbel met mij...259

 Lees Jesaja 45, 46, 47 en 48

“Wie heeft dit van oudsher doen horen? Wie heeft dat van toen af bekendgemaakt? Ben Ik het niet, de HEERE? Buiten Mij is er geen andere God, een rechtvaardig God, een Heiland; er is niemand behalve Ik. Wend u tot Mij, word behouden, alle einden der aarde, want Ik ben God en niemand anders.” (Jesaja 45:21-22, HSV)

Het volk Juda werd uiteindelijk in ballingschap weggevoerd naar Babylon, het gebied van de Chaldeën. Daar kregen zij het zwaar te verduren. Maar God liet hen niet los. Hij raakte de harten van de koningen van Babylon aan. Denk aan Nebukadnezar, die door dromen en diepe vernedering de allerhoogste God erkende. Zijn opvolger Belsazar weigerde zich echter te verootmoedigen en misbruikte de tempelvoorwerpen, waarna Gods oordeel over zijn rijk viel. De Babyloniërs vertrouwden op hun toverijen en bewezen Gods volk geen enkele barmhartigheid.

“Ik was zeer toornig op Mijn volk, Ik ontheiligde Mijn eigendom en Ik gaf hen over in uw hand, maar u bewees hun geen barmhartigheid, ja, zelfs voor de oude maakte u uw juk zeer zwaar.” (Jesaja 47:6, HSV)

Babylon werd vervolgens veroverd door de Meden en de Perzen. Ook de Meder Darius (bekend van Daniël in de leeuwenkuil) en de Perzische koning Kores raakten diep onder de indruk van Gods macht. God noemt Kores in de profetieën van Jesaja zelfs Zijn 'gezalfde'. Terwille van Gods volk is Kores door God geroepen om de ballingen vrij te laten en de stad te herbouwen.

“Ík heb Kores doen opstaan in gerechtigheid, en al zijn wegen zal Ik rechtmaken. Híj zal Mijn stad bouwen en hij zal Mijn ballingen vrijlaten, zonder betaling en zonder geschenk, zegt de HEERE van de legermachten.” (Jesaja 45:13, HSV)

In de Heere zullen al de nakomelingen van Israël gerechtvaardigd worden en roemen. Dit doet Hij omwille van Zijn Naam. God zal Zijn volk nooit loslaten; Hij leidt hen op al Zijn wonderlijke wegen.


Lees de Bijbel met mij...278

 Lees Jeremia 10, 11, 12 en 13 “ Niemand, HEERE, is U gelijk, groot bent U en groot is Uw Naam in sterkte...De HEERE God is echter de Waarhe...