Lees 1Kronieken 7 en 8
Hoewel de geslachtsregisters over de nakomelingen van Issaschar, Benjamin, Dan, Naftali, Manasse, Efraïm en Aser saai lijken, staan er toch interessante feiten tussen: zoals Seëra, een vrouwelijke stedenbouwer van drie steden, en de grote tragedie van Efraïm. Bij een roofoverval werden al zijn zonen gedood door de inwoners van Gath, waarschijnlijk nog vóór de uittocht uit Egypte.
Daarnaast is er extra aandacht voor de stam Benjamin, de stam waaruit de eerste koning van Israël voortkwam. Zij woonden in Jeruzalem en Gilead. Deze stamboom werkt nauwkeurig toe naar Saul en de uiteindelijke overgang naar David, wat het hoofdthema van Kronieken is. Deze hoofdstukken zijn als het ware het eigendomsbewijs van de verschillende stammen die terugkeerden uit de ballingschap.
Ook wij hebben in Christus een eigendomsbewijs ontvangen door de Heilige Geest. Wij zijn gekocht en betaald met het kostbare bloed van Jezus Christus, opdat wij niet meer voor onszelf zouden leven, maar hier op aarde vreemdelingen en bijwoners zouden zijn. Wij leven op dit moment nog in ballingschap, maar zien uit naar een Hemels Vaderland.
"Maar u bent een uitverkoren geslacht, een koninklijk priesterschap, een heilig volk, een volk dat God Zich tot Zijn eigendom maakte; opdat u de deugden zou verkondigen van Hem Die u uit de duisternis geroepen heeft tot Zijn wonderbaar licht," (1 Petrus 2:9, HSV).

Geen opmerkingen:
Een reactie posten