dinsdag 12 mei 2026

Lees de Bijbel met mij...132 God van Leven

 Lees Psalm 43, 44, 45 en 49

"Zij vertrouwen op hun vermogen en beroemen zich op hun grote rijkdom. Niemand van hen kan zijn broeder metterdaad verlossen, hij kan God zijn losgeld niet geven. De losprijs voor hun leven is immers te kostbaar en zal voor eeuwig ontoereikend zijn."

Waarop stellen wij ons vertrouwen? Op onze wapens, onze macht of onze rijkdom? De psalmist ziet in dat al het goede niet door eigen kracht of wijsheid is verkregen; God heeft het ons allemaal geschonken. 

Ook nu zij met ellende te maken krijgen, weet de psalmist dat alleen bij God een toevlucht te vinden is. Ook al worden ze gerekend tot de slachtschapen. Hij is erbij, en zowel in goede als in slechte tijden zijn we volledig afhankelijk van Hem. 

Een mens kan zichzelf heel wat vinden door het bezit van vele goederen, maar het spreekwoord zegt niet voor niets: 'het laatste hemd heeft geen zakken'. In de dood zijn we allemaal gelijk... of toch niet? De psalmist getuigt er namelijk van dat God zijn ziel zal bevrijden uit het graf en hem zal opnemen. 

Wij horen bij de God van het Leven. Onze hemelse Vader heeft ons bevrijd van zonde en dood. Hij is de eeuwige Koning, wiens troon voor eeuwig zal blijven. "Luister, dochter, en zie, neig uw oor: vergeet uw volk en het huis van uw vader." De bruid van de Koning mag zich volledig toewijden aan haar Heer. Alles wat haar nog bindt aan de wereld of haar verleden, mag zij loslaten. Dan is de koningsdochter innerlijk één en al heerlijkheid. Wij zijn van Hem!
 
"Wie zal ons scheiden van de liefde van Christus? Verdrukking, of benauwdheid, of vervolging, of honger, of naaktheid, of gevaar, of zwaard? Zoals geschreven staat: Want omwille van U worden wij de hele dag gedood, wij worden beschouwd als slachtschapen. Maar in dit alles zijn wij meer dan overwinnaars door Hem Die ons heeft liefgehad.(Rom. 8:35-37, HSV)

Geen opmerkingen:

Een reactie posten

Lees de Bijbel met mij...132 God van Leven

 Lees Psalm 43, 44, 45 en 49 "Zij vertrouwen op hun vermogen en beroemen zich op hun grote rijkdom. Niemand van hen kan zijn broeder me...