maandag 15 juni 2026

Lees de Bijbel met mij...167 Zekerheid

 Lees Psalm 61, 62 en 64



"Leid mij op een rots die voor mij te hoog zou zijn."David vertrouwt God volkomen. God is een toevlucht, een sterke toren, een schuilplaats, zijn rots en een veilige vesting. Heere is in staat hem te brengen op een plaats waar David zelf niet kan komen: een veilige plaats. David wijst zijn ziel op deze zekerheid.

Bijna de helft van de verzen in Psalm 62 begint met het woordje ‘zeker’. David kijkt niet meer naar de omstandigheden, maar naar Gods kracht en redding. Zeker, hij stelt zijn ziel gerust: wees stil, vertrouw.

David heeft God zelfs tweemaal horen zeggen dat de kracht van God is. Hij hoeft niet in eigen kracht te gaan en houdt zich stevig vast aan de woorden van God. Roof en onderdrukking zullen hem niet rijk maken, en rijkdom is voor hem geen bron van zekerheid meer.

God is voor hem de Bron van het leven; hij kan niet meer zonder Gods aanwezigheid. David heeft in Gods heiligdom Zijn macht en heerlijkheid gezien. Dit heeft hem doen inzien dat Gods goedertierenheid beter is dan het leven zelf. Hij zoekt God in de morgen en denkt aan God in de avond. Zijn hele wezen klampt zich vast aan zijn Helper, zijn Zekerheid.

Lees de Bijbel met mij...166 God denkt aan jou

 Lees Psalm 26, 40 en 58


"Ik immers, Ik ken de gedachten die Ik over u koester, spreekt de HEERE. Het zijn gedachten van vrede en niet van kwaad, namelijk om u toekomst en hoop te geven." (Jeremia 29:11, HSV)

God zelf heeft David gered en op het juiste pad gezet. David staat op een stevig fundament, een geëffende weg. Een weg waarop God is voorgegaan. Hij probeert te leven volgens Gods rechtvaardigheid. Hij zoekt zijn plek niet bij mensen die God negeren, maar blijft dicht bij Hem. Hij wandelt in Gods waarheid en gaat zijn weg in oprechtheid.

In veel opzichten lijken deze psalmen op Psalm 1. Gelukkig zijn wij als we vreugde vinden in Gods wetten en vertrouwen op Zijn leiding; als we Hem liefhebben en willen volgen. Ook als dat betekent dat we veel moeilijkheden tegenkomen, want we leven in een wereld die God vaak loslaat. Maar zelfs als het ons veel kost, is het dat meer dan waard. God is zo veel groter dan ons eigen, 'veilige' kleine leventje.

Gods gedachten over ons zijn talrijk, zo talrijk dat David ze niet kan tellen. Tegelijkertijd zijn de rampen die hem overkomen ook niet te tellen, het zijn er meer dan de haren op zijn hoofd. En toch blijft David hopen op God, Die er vreugde in vindt om hem te redden. Die grote, almachtige God denkt aan hem!

"HEERE, mijn God, veel zijn Uw wonderen, die Ú hebt gedaan, en Uw gedachten, die U over ons hebt. Men kan ze voor U niet uiteenzetten. Zou ik ze verkondigen en uitspreken, dan zijn ze zó machtig veel dat ik ze niet kan tellen.

Ík ben wel ellendig en arm, maar de Heere denkt aan mij. U bent mijn Helper en mijn Bevrijder; mijn God, wacht niet langer!

(Psalm 40:6, 18, HSV)

God denkt aan jou! Durf je jezelf helemaal aan Hem toe te vertrouwen?

zondag 14 juni 2026

Lees de Bijbel met mij...165 Zaaien en oogsten

De zondag is een goed moment om na te denken over de teksten die je gelezen hebt. Welk teksten hebben je aangesproken. 

Heb je:

een belofte om op te vertrouwen,

een waarschuwing om in acht te nemen,

een waarheid aan te nemen

een opdracht om mee aan de slag te gaan

een bemoediging om in te rusten.

(vragen overgenomen van Life.Church)


"Dwaal niet: God laat niet met Zich spotten, want wat de mens zaait, zal hij ook oogsten.  

Want wie in zijn eigen vlees zaait, zal uit het vlees verderf oogsten; maar wie in de Geest zaait, zal uit de Geest het eeuwige leven oogsten. 

En laten wij niet moe worden goed te doen, want te zijner tijd zullen wij oogsten, als wij het niet opgeven. Laten wij dus, terwijl wij gelegenheid hebben, goeddoen aan allen, maar vooral aan de huisgenoten van het geloof.

(Galaten 6:7-10, HSV)

Zaaien en oogsten: waarin stel jij je vertrouwen? Ga je staan op Gods waarheid, of ga je mee in de leugens van de wereld?





zaterdag 13 juni 2026

Lees de Bijbel met mij...164 U bent er bij

Lees 2 Samuël 16, 17 en 18

David moet vluchten, want Absalom staat hem naar het leven. Hij heeft een heel leger om zich heen verzameld en nu lijkt het er echt op dat hij koning zal worden. Steeds meer mensen lijken in hem te geloven en sluiten zich bij hem aan.

Achitofel geeft goede raad om David voorgoed uit te schakelen, maar door Gods hulp weet Davids vriend Husai dit te verijdelen. Omdat Absalom eerst een heel leger verzamelt, krijgt David de tijd om de Jordaan over te steken.

Daar in de woestijn komt hulp uit onverwachte hoek. Drie mannen komen David bijstaan omdat het volk moe, hongerig en dorstig is:

  • Sobi, de zoon van Nahas, de voormalige koning van de Ammonieten. In plaats van wraak te nemen schenkt hij genade.
  • Machir, een invloedrijke man uit Lodebar, hij verleende eerder onderdak aan Mefiboseth. David oogst zo toch de genade die hij aan Mefiboseth bood.
  • Barzillai, een zeer rijke, tachtigjarige man uit Gilead, die David wil zegenen. Hiermee zet hij zijn hele bezit en status op het spel. 

In de woestijn ontvangen David en zijn mannen alles wat ze nodig hebben: bedden, overvloedig voedsel en drinken. 

Ondanks dat David de gevolgen van zijn daden moet dragen, blijft God hem leiden en zegenen.

Gesterkt gaan de mannen de strijd aan. Absalom wordt op ongelukkige wijze gedood: hij blijft met zijn lange haar hangen aan een boom, waarna het volk dat achter hem stond uiteenvalt. Davids hart is gebroken. Ondanks dat Absalom hem haatte, hield David zielsveel van zijn zoon.

Als je terugdenkt aan je leven, hoe heb jij ondanks moeilijke omstandigheden Gods trouw ervaren?

Kwam er bij jou ook weleens hulp of bemoediging uit een totaal onverwachte hoek?



vrijdag 12 juni 2026

Lees de Bijbel met mij...163 God hoort

 Lees Psalm 13, 28 en 55

David vraagt zich af of God hem wel hoort. Het lijden duurt al zo lang. Hoe lang nog, Heer?

Toch dienen wij een God die hoort. Zou de God die het oor heeft gemaakt, zelf niet horen? Alleen lijkt het wachten soms wel een eeuwigheid te duren. Wanneer zal gerechtigheid weer regeren?

David volhardt en blijft vertrouwen. Hij zingt, ook al ziet hij de uitkomst nog niet. Hij weet dat hij zijn klachten en zorgen bekend mag maken bij de God die hoort; hij weet dat God voor hem zal zorgen. Het is een herkenbaar patroon: eerst je hart uitstorten bij God, dan beseffen wie God is en wat Hij heeft gedaan, en vervolgens juichen om Zijn beloften. Ook al zien we nu nog helemaal niets.

Denk maar aan Paulus en Silas. Terwijl ze nog vastzaten in de gevangenis, zongen ze Gods lof en eerden ze Hem. Wat de uitkomst ook zou zijn: Gods wil zóú geschieden. Hij komt tot Zijn doel, al zien wij het nu niet.

Wacht en blijf vertrouwen. God is aan het werk. Hij hoort je.

donderdag 11 juni 2026

Lees de Bijbel met mij...162 Waarheid of leugen

 Lees psalm 3, 4 en 12

Naar welke stem luister je? "God gaat je toch niet redden" of "Bij God alleen is redding." David prent zich keer op keer in dat hij in alles afhankelijk is van God. Hij wil absoluut niet in handen vallen van mensen die niets van God willen weten. Toch moet hij vluchten voor zijn eigen zoon Absalom.

Absalom is puur uit op wraak en zelfverheerlijking. Met zijn kroning verklaart hij zijn vader in feite al dood. Hij vertrouwt volledig op zijn eigen kracht, zijn charisma en de steun van de mensen om hem heen—mensen die hem naar de mond praten. Hij belooft hun een betere toekomst en het volk gelooft zijn leugens.

Maar eigenlijk maakt deze groep geen schijn van kans; lang niet iedereen loopt naar hem over. Waar Absalom op mensen leunt, vertrouwt David op God en roept Hij Hem aan. 

Zelfs zonder uitzicht op een goede afloop, ontvangt David een vreugde en vrede die alle verstand te boven gaat:

"U hebt mij een hart vol vreugde gegeven, meer dan zij hebben over hun overvloed aan koren en wijn. In vrede kan ik gaan liggen en spoedig slapen, want U alleen, Heer, zorgt ervoor dat ik veilig ben."  (4:8-9, VB)

Wat kies jij en naar welke stemmen luister je? De Waarheid of de leugen?



woensdag 10 juni 2026

Lees de Bijbel met mij...161 Wraak

 Lees 2 Samuël 13, 14 en 15

Amnon is de eerstgeboren zoon van koning David. Wanneer hij hopeloos verliefd wordt op zijn halfzus Tamar, raakt hij helemaal geobsedeerd. Hij moet en zal haar bezitten. Met een list lokt hij haar naar zich toe en verkracht haar. Maar direct na zijn daad slaat zijn obsessie om in pure walging; Amnon veracht Tamar zo diep dat hij haar ruw weg laat wegsturen.

Tamar blijft onteerd en eenzaam achter. Haar broer Absalom neemt haar in huis. Hij is woest over dit onrecht, maar laat zijn woede bewust niet merken. Die opgekropte woede verandert in een diepe, bittere wrok. Absalom weet al dat hij vroeg of laat wraak zal nemen. Ondertussen doet hun vader, koning David, helemaal niets met het voorval dat zich heeft voltrokken.

Twee jaar lang broedt Absalom op zijn plan. Dan slaat hij toe. Hij nodigt alle koningszonen uit voor een feest. Zodra de drank rijkelijk heeft gevloeid en iedereen zijn waakzaamheid heeft laten varen, geeft hij het bevel om Amnon te vermoorden. De overige koningszonen vluchten in paniek terug naar Jeruzalem, terwijl Absalom zelf de wijk neemt naar Gesur, naar de familie van zijn moeder Maächa, de dochter van de koning van Gesur.

David treurt diep om het verlies van Amnon, maar onderneemt verder geen actie tegen Absalom. Absalom heeft voor eigen rechter gespeeld en is er ook echt van overtuigd dat hij in zijn recht stond. Uiteindelijk zorgt legerleider Joab ervoor dat David zijn zoon laat terugkeren uit het buitenland. De relatie tussen vader en zoon is echter definitief beschadigd. Absalom haat zijn vader nu ook. Hij neemt het David kwalijk dat die het onrecht destijds negeerde en weigert in te zien dat de wraakactie gerechtvaardigd was.

Vanaf dat moment zint Absalom op de troon. Hij probeert op een slimme manier de harten van het volk van Israël te veroveren. Hij schildert zijn vader af als een afstandelijke koning die geen oor heeft voor het recht van de gewone man. Zijn boodschap is simpel en populistisch: "Als ik koning was, zou ik jullie klachten wél serieus nemen." Deze tactiek werkt en Absalom wint snel aan populariteit. Met een grote groep volgelingen reist hij naar Hebron, waar hij zichzelf laat uitroepen tot de nieuwe koning.

De dreiging is zo groot dat David halsoverkop moet vluchten voor zijn eigen zoon. Hij laat tien bijvrouwen achter om op het paleis in Jeruzalem te passen. Huilend vertrekt David en zijn hofhouding te voet en beklimmen de olijfberg om zich voor God neer te buigen. Toch verliest David zijn strategische blik niet. Hij stuurt de priesters en de Levieten, die de ark dragen, direct terug naar Jeruzalem. Ook zijn trouwe vriend, de Arkiet Husai, krijgt een geheime missie: hij moet terugkeren naar het hof om de wijze, maar gevaarlijke raad van Achitofel — die de kant van Absalom heeft gekozen — te dwarsbomen.


Lees de Bijbel met mij...167 Zekerheid

 Lees Psalm 61, 62 en 64 "Leid mij op een rots die voor mij te hoog zou zijn."David vertrouwt God volkomen. God is een toevlucht, ...