zaterdag 8 augustus 2026

Lees de Bijbel met mij...219 Koning Josafat

 Lees 1 Koningen 21 en 22  en 2 Kronieken 18, 19 en 20

In het vierde regeringsjaar van Achab, de goddeloze koning van Israël, volgde Josafat zijn vader Asa op als koning van Juda. Hij had eer en rijkdom in overvloed en wandelde in de voetsporen van zijn vader. Hij joeg de tempelprostituees het land uit. Hij deed wat juist was in de ogen van de Heere, behalve dat hij de offerhoogten niet weghaalde, en het feit dat hij vriendschap sloot met Achab en zijn zoon Ahazia. Hij ging zelfs een huwelijksband aan met het huis van Achab. Josafats zoon (Joram) trouwde met de dochter van Achab (Atalia)

Achab wilde samen met Josafat de stad Ramot bevrijden van de Syrische overheersing. Maar Josafat wilde eerst de Heere zoeken. Achab liet daarop 400 profeten komen die de koning allemaal aanspoorden om ten strijde te trekken. Josafat wilde echter een echte profeet van de Heere horen. De profeet Micha vertelde hen dat God de profeten een leugengeest had gegeven om Achab in de strijd te lokken, zodat hij zou sterven.

God had Achab, net als Jerobeam en Baësa, vervloekt. Hij en zijn nageslacht zouden sterven, omdat hij zich net zo goddeloos droeg als de Amorieten die voor het volk Israël uit het land waren verjaagd.

Toch trokken Achab en Josafat toch ten strijde, en Achab stierf door een verdwaalde pijl. Het volk en koning Josafat keerden veilig terug. Toen de zoon van Achab (Ahazia) koning werd, wilde Josafat uiteindelijk — na een mislukt scheepsavontuur dat door God werd gestraft — niets meer met zijn plannen te maken hebben.

Als er later een grote troepenmacht oprukt naar Jeruzalem, zoekt Josafat geen hulp meer bij Israël, maar bij God. Hij vertrouwt erop dat God zal strijden. Dit vertrouwen is zo groot dat hij de Levitische zangers voor het leger uit laat lopen. De soldaten hoeven zelfs niet te vechten, want God zorgt ervoor dat de vijanden elkaar onderling gaat bestrijden.

Josafat was 35 jaar toen hij koning werd en hij regeerde 25 jaar in Jeruzalem.

Op wie stel jij je vertrouwen? 

Wanneer je je hoop vestigt op mensen die niets van God willen weten, raak je soms ongemerkt verstrikt in hun problemen en mislukkingen. Ware trouw aan God vereist dat je op zulke momenten een duidelijke grens durft te stellen.



Geen opmerkingen:

Een reactie posten

Lees de Bijbel met mij...246

 Lees 2 Koningen 18:1-8 en 2 Kronieken 29 en 30 Koning Hizkia was de zoon van koning Achaz, die de weg van de koningen van Israël was gegaan...