Lees 2 Kronieken 6 en 7 en Psalm 136
De tempel: Gods heerlijkheid onder de mensen. Een afspiegeling en een afschaduwing van Gods bouwwerk in de hemel. Eerst werd dit fysiek als tabernakel aan Mozes gegeven, en later als tempel door Salomo gebouwd.Het verslag van de tempelinwijding door Salomo in 2 Kronieken is bijna letterlijk hetzelfde als in 1 Koningen 8. De ark wordt naar de tempel gebracht, waarna Gods heerlijkheid (de wolk, de Sjechina) verschijnt. Salomo houdt een toespraak en spreekt een inwijdingsgebed uit. Dit gebed noemt zeven specifieke situaties waarin men om vergeving kan bidden, zodat God zal horen: onrecht tussen volksgenoten, een nederlaag in de strijd, droogte, natuurrampen en plagen, de vreemdeling die tot geloof is gekomen, oorlog en ballingschap.
In de Kroniekenboeken ligt er een grotere nadruk op de Levitische zangers en muzikanten die God loven met hun instrumenten. Bovendien worden de offers door een vuur uit de hemel ontstoken. De aanwezigen zijn diep onder de indruk en zingen de woorden van Psalm 136.
Na dit feest ontvangt Salomo in een droom de boodschap dat God hem heeft gehoord en zijn gebed zal verhoren. God bevestigt nogmaals het eeuwige koningschap, maar waarschuwt ook voor de gevolgen als zijn zonen van Zijn pad afwijken.
"En als mijn volk, dat naar mijn Naam genoemd is, zich vernedert en bidt, en Mijn aangezicht zoekt, en zich bekeert van hun slechte wegen, dan zal Ik vanuit de hemel horen, hun zonde vergeven en hun land genezen. Nu zullen Mijn ogen open zijn en Mijn oren aandachtig luisteren naar het gebed op deze plaats. Want nu heb Ik dit huis verkozen en geheiligd, zodat Mijn Naam daar tot in eeuwigheid is; Mijn ogen en Mijn hart zullen daar alle dagen zijn." (2 Kronieken 7:14-16, HTB)
Prijs de HEER, want Hij is goed, aan Zijn liefde is geen einde!

Geen opmerkingen:
Een reactie posten