Lees Leviticus 10, 11 en 12
Heiligheid vraagt om zorgvuldigheid; het nauwgezet volgen van de regels. "Wees heilig, want Ik ben heilig." Nadab en Abihu, de twee zonen van Aäron, staken het wierookschaal niet aan met het vuur van het altaar, maar met een eigen vuur.Eén bewuste misstap vanuit de gedachte "ach, zo kan het ook wel", kan het begin zijn van een neerwaartse spiraal. Je neemt het minder nauw en de toewijding verslapt. Is het gemakzucht? Het leek misschien best wel goed, maar God is heilig en Hem komt het beste toe. Zoals iemand ooit zei: "Het goede is de vijand van het beste."
Nadab en Abihu moesten deze ongehoorzaamheid met de dood bekopen. Zij hadden God volmaakt en trouw moeten gehoorzamen; dat was de consequentie van Gods nabijheid.
Ook het volk ontving diverse spijswetten om zichzelf niet te verontreinigen. Wanneer ben je rein en mag je voor Gods aangezicht verschijnen? En welke offers waren er nodig om die reinheid te herstellen?
Beseffen wij eigenlijk wel hoe heilig God is, en hoe onmogelijk het is om in Zijn nabijheid te verkeren? Beseffen wij hoe groot de genade is die wij hebben ontvangen, waardoor wij vrijmoedig tot Gods troon kunnen naderen door het offer van Jezus Christus? Dit betekent niet dat we er nu maar op los kunnen leven, maar dat we God uit dankbaarheid mogen eren door te leven uit Zijn Geest.


Geen opmerkingen:
Een reactie posten