dinsdag 6 oktober 2026

Lees de Bijbel met mij...278

 Lees Jeremia 10, 11, 12 en 13

“Niemand, HEERE, is U gelijk, groot bent U en groot is Uw Naam in sterkte...De HEERE God is echter de Waarheid, Hij is de levende God, een eeuwig Koning. Voor Zijn grote toorn beeft de aarde, de heidenvolken kunnen Zijn gramschap niet verdragen.” (Jeremia 10:6, 10, HSV)

God is de Schepper van hemel en aarde; wat zijn de creaties van de mens daarbij vergeleken? Hoe is het mogelijk dat zij het werk van hun eigen handen aanbidden en in de schepping Gods werk niet kunnen ontdekken? Jeremia worstelt met de voorspoed van de goddelozen.

Hij waarschuwt het volk, maar zelfs de profeten uit Anathoth — de groep waar hij aanvankelijk zelf deel van uitmaakte — staan hem nu naar het leven. Zij kunnen de waarheid niet verdragen, want ook zij zijn niet vrij van zonde. Zelfs de familieleden van Jeremia zijn niet te vertrouwen, al doen ze vriendelijk. Ze zijn vals en verraderlijk.

Hoewel het volk in ballingschap zal gaan, zal God Zich uiteindelijk weer over hen ontfermen. Niet alleen over Israël, maar ook over de heidenvolken die via hen de HEERE leren kennen en voor Hem willen leven.

De ballingschap heeft ook een positieve kant: het volk komt tot inkeer en ook andere volken leren door Israëls ballingen God kennen. Dit is vergelijkbaar met de vervolging van de discipelen, die er juist voor zorgde dat steeds meer mensen in aanraking kwamen met het evangelie.


maandag 5 oktober 2026

Lees de Bijbel met mij...277

 Lees Jeremia 7, 8 en 9

Jeremia spreekt de mensen aan op hun schijnheiligheid. Ze doen slechte daden en denken dat hun gang naar de tempel hen zal beschermen. Slechte daden doen en dan voor Gods aangezicht komen staan en zeggen: "Wij zijn gered ” Gered om door te gaan met slechte daden?

God zal de tempel wegnemen net als hij de Heilige plaats Silo heeft verlaten en verwoest.

God wil geen brandoffers of slachtoffer maar wil dat Zijn volk naar Hem luistert en gehoorzaam is. Shema Israël...“Maar deze zaak heb Ik hun geboden: Luister naar Mijn stem. Dan zal Ik u tot een God zijn, en ú zult Mij tot een volk zijn. Bewandel heel de weg die Ik u gebieden zal en het zal u goed gaan." (Jeremia 7:23, HSV)

Al vanaf Israël is bevrijd uit Egypte heeft het niet geluisterd en volgt het z'n eigen boze hart. Niemand schaamte zich of heeft berouw en niemand bekeert zich. Verschrikkelijk als mensen zich beroemen in hun eigen wijsheid, kracht en bezit.

“Maar laat wie zich beroemt, zich daarop beroemen dat hij begrijpt en Mij kent dat Ik de HEERE ben, Die goedertierenheid bewijs, recht en gerechtigheid op de aarde doe, want in die dingen vind Ik vreugde, spreekt de HEERE.” (Jeremia 9:24, HSV)

“Wat zullen wij dan zeggen? Zullen wij in de zonde blijven, opdat de genade toeneemt? Volstrekt niet! Hoe zullen wij, die met betrekking tot de zonde gestorven zijn, nog daarin leven? Of weet u niet dat wij allen die in Christus Jezus gedoopt zijn, in Zijn dood gedoopt zijn? Wij zijn dan met Hem begraven door de doop in de dood, opdat evenals Christus uit de doden is opgewekt tot de heerlijkheid van de Vader, zo ook wij in een nieuw leven zouden wandelen...Zo dient ook u uzelf te rekenen als dood voor de zonde, maar levend voor God in Christus Jezus, onze Heere. Laat de zonde dan niet in uw sterfelijk lichaam regeren om aan de begeerten daarvan te gehoorzamen.” (Romeinen 6:1-4, 11-12, HSV)




zondag 4 oktober 2026

Lees de Bijbel met mij...276

 De zondag is een goed moment om na te denken over de teksten die je gelezen hebt. Welk teksten hebben je aangesproken. 

Heb je:

een belofte om op te vertrouwen,

een waarschuwing om in acht te nemen,

een waarheid aan te nemen

een opdracht om mee aan de slag te gaan

een bemoediging om in te rusten.

(vragen overgenomen van Life.Church)




zaterdag 3 oktober 2026

Lees de Bijbel met mij...275

 Lees Jeremia 4, 5 en 6

“Zie, Ik ga over u een volk van ver weg brengen, huis van Israël, spreekt de HEERE. Een taai volk is het, een volk, van oude tijden af is het er, een volk waarvan u de taal niet kent, en niet verstaat wat het spreekt.” (Jeremia 5:15, HSV)

God waarschuwt dat het oordeel onvermijdelijk is. Het oordeel komt uit het noorden; een vijandig volk zal Jeruzalem en Israël tot een woestenij maken. Er is geen ontkomen meer aan. Het volk blijft hardnekkig vasthouden aan zijn zonden en bekeert zich niet. Toch zal deze vernietiging niet het definitieve einde betekenen. Hoewel het volk dit oordeel aan zichzelf heeft te danken door zijn eigen wegen en daden, zal God er geen vernietigend einde aan maken.

“Want allen hebben gezondigd en missen de heerlijkheid van God, en worden om niet gerechtvaardigd door Zijn genade, door de verlossing in Christus Jezus.” (Romeinen 3:23-24, HSV)

De mens heeft niet door wat hij mist. Zijn daden onthouden hem het goede van God. God wil ons een overvloedig en vol leven geven, maar de mens denkt rijker te worden door alleen voor zichzelf te leven. De God van het leven wil ons bevrijden van onszelf, opdat we werkelijk vrij zullen zijn. Jezus bevrijdt ons van ons oude leven en geeft ons een heel nieuw leven, waarin Zijn Geest stromen van levend water laat vloeien om werkelijk tot zegen te kunnen zijn. Hij vormt ons naar Zijn beeld, opdat Hij door ons leven zichtbaar mag worden.



vrijdag 2 oktober 2026

Lees de Bijbel met mij...274

 Lees Jeremia 1,2 en 3

Jeremia was de zoon van Hilkia, een priester uit Anatot (mogelijk de hogepriester die als opzichter was aangesteld om de bouwvallige tempel te herstellen). Tijdens die herstelwerkzaamheden werd het wetboek gevonden, waardoor koning Josia het land weer volgens Gods wet kon reinigen en besturen. Jeremia was actief als profeet totdat de bevolking van Jeruzalem onder koning Zedekia in ballingschap werd weggevoerd.

Jeremia werd door God geroepen tot profeet om te spreken tegen het afvallige Israël en het trouweloze Juda. God droeg hem op niet bang te zijn, omdat Hij hem zou beschermen en met hem zou zijn.

Via de profeet spreekt God Zijn verontwaardiging uit: hoe is het mogelijk dat dit volk de levende God inruilde voor het werk van hun eigen handen? Het volk ging zijn eigen lusten achterna om maar geen dienaar van God te hoeven zijn, maar ondertussen werden de mensen een slaaf van zichzelf.

“Ontzet u hierover, hemel, huiver, wees zeer ontsteld, spreekt de HEERE. Want Mijn volk heeft een dubbel kwaad gedaan: Mij, de bron van levend water, hebben zij verlaten, om zich bakken uit te hakken, lekkende bakken, die geen water houden. Is Israël dan een slaaf? Of is hij een in huis geboren slaaf? Waarom is hij dan een prooi geworden?” (Jeremia 2:12-14, HSV)

Het onheil dat Israël overkomt wordt veroorzaakt door hun eigen kwaad. Ze ondervinden de gevolgen van hun eigen afdwalingen. Het enige dat God wil is dat het volk erkent dat ze verkeerd hebben gehandeld. Maar het bolk Israël blijft ontkennen en vraagt zich af waarom dit kwaad hen overkomt.

“Alleen, erken uw ongerechtigheid, want u bent tegen de HEERE, uw God, in opstand gekomen, en u hebt zich in alle richtingen verspreid op zoek naar de vreemden, onder elke bladerrijke boom, maar u hebt niet geluisterd naar Mijn stem, spreekt de HEERE. Keer terug, afkerige kinderen, spreekt de HEERE, want Ík heb u getrouwd. Ik zal u nemen, één uit een stad en twee uit een geslacht, en Ik zal u naar Sion brengen.” (Jeremia 3:13-14, HSV)

God wil hen kennis en verstand geven en hen weer herstellen. Jeruzalem zal de troon van de HEERE worden en de ark van het verbond zal niet meer nodig zijn. God schrijft immers Zijn wet door de Heilige Geest in ons hart (zoals staat in Jeremia 31:33 en Hebreeën 8:10). Niet langer zullen zij hun boosaardige, afvallige hart achterna gaan. Shema Israël...

"Volg je hart?" Ik dacht het niet!

“U bidt wel, maar u ontvangt niet, omdat u verkeerd bidt, met het doel het in uw hartstochten door te brengen.” (Jakobus 4:3, HSV)


donderdag 1 oktober 2026

Lees de Bijbel met mij...273

 Lees Zefanja 1, 2 en 3

De geslachtslijn van de profeet Zefanja laat zien dat hij een nakomeling was van koning Hizkia. Hij profeteerde in de dagen van koning Josia.

Hoewel Josia ingrijpende hervormingen doorvoerde, lazen we gisteren dat het oordeel onherroepelijk over Juda zal komen. Dit oordeel treft niet alleen Juda, maar alle volken die zich niets van God aantrekken en hoogmoedig zeggen: "Ik, en verder niemand." Zij leven alsof God niet bestaat en bekommeren zich alleen om hun eigen leven. En dat terwijl God juist goed en rechtvaardig is; elke morgen brengt Hij Zijn recht aan het licht, maar de volken willen daar niets van weten.

Zefanja spreekt indringend over de Dag van de HEERE:

Zefanja spreekt over de dag van de Heere.“De grote dag van de HEERE is nabij; hij is nabij en nadert zeer snel. Hoor, de dag van de HEERE! De held zal daar bitter schreeuwen!”

God roept dringend op om Hem te zoeken, en om zachtmoedigheid en gerechtigheid na te streven. Misschien zullen zij dan verborgen mogen blijven op de dag van de toorn van de HEERE.

Ondanks alle zonden zal God uiteindelijk Zelf herstel brengen, ook onder de heidenvolken:

“Voorzeker, dan zal Ik bij de volken de lippen veranderen in reine lippen, zodat zij allen de Naam van de HEERE zullen aanroepen, om Hem schouder aan schouder te dienen.” (Zefanja 3:9, HSV)

Zowel de volken als Israël zullen worden bevrijd. Het boek sluit af met een prachtige belofte van Gods nabijheid en liefde:

“De HEERE, uw God, is in uw midden, een Held, Die verlossen zal. Hij zal Zich over u verheugen met blijdschap. Hij zal zwijgen in Zijn liefde. Hij zal Zich over u verblijden met gejuich.” (Zefanja 3:17, HSV)


Lees de Bijbel met mij...278

 Lees Jeremia 10, 11, 12 en 13 “ Niemand, HEERE, is U gelijk, groot bent U en groot is Uw Naam in sterkte...De HEERE God is echter de Waarhe...