woensdag 3 juni 2026

Lees de Bijbel met mij...154 Koning knecht

 Lees 2 Samuël 8 en 9 en 1 Kronieken 18

Overal waar David gaat, staat de Heer hem bij. Hij overwint zijn vijanden, waardoor er rust ontstaat. David regeert Israël met recht en rechtvaardigheid, al is zijn omgang met vijanden soms gruwelijk te noemen. Dat bloedvergieten is voor God dan ook de reden dat David de tempel niet zelf mag bouwen, zoals later te lezen is in het bijbelboek Kronieken. Toch wil David in alles afhankelijk zijn van God. Hij leeft trouw naar de richtlijnen die God via Mozes in Deuteronomium meegeeft voor koningen: niet te veel paarden, vrouwen of rijkdom verzamelen.

De koning en zijn plichten

"Wanneer u in het land komt dat de HEERE, uw God, u geeft, en u dat in bezit neemt en erin woont, en u dan zegt: Ik wil een koning over mij aanstellen, zoals al de volken die rondom mij zijn, dan moet u voorzeker hem tot koning over u aanstellen die de HEERE, uw God, verkiezen zal. Uit het midden van uw broeders moet u een koning over u aanstellen; u mag geen buitenlander over u zetten, die uw broeder niet is. Maar hij mag voor zichzelf niet veel paarden aanschaffen en het volk niet laten terugkeren naar Egypte om veel paarden aan te schaffen, omdat de HEERE tegen u gezegd heeft: U mag nooit meer langs deze weg terugkeren. Ook mag hij voor zichzelf niet veel vrouwen nemen, anders zal zijn hart afwijken. Hij mag voor zichzelf ook niet al te veel zilver en goud nemen." (Deuteronomium 17:14-17)

Paarden staan symbool voor oorlog en menselijke macht. David laat daarom – hoe vreselijk ook – de pezen doorsnijden van de paarden die hij op de vijand verovert. Deze paarden waren niet meer geschikt voor de strijd maar misschien nog wel om op het land te werken. Er wordt niet verteld op welke manier en welke pezen werden doorgesneden. 

Van de duizend strijdwagenpaarden houdt David er zelf maar honderd over. Het zilver, goud en koper wijdt hij aan de Heer. We lezen in Kronieken dat Salomo van dit koper de voorwerpen voor de tempel maakt, waaronder het wasvat. David is zich ervan bewust dat niet hijzelf of zijn sterke leger de overwinning schenkt, maar God zelf. Hij houdt zich aan Gods woord en beseft dat hij in alles afhankelijk is van God. 

Waarop vertrouwen wij?

Geen opmerkingen:

Een reactie posten

Lees de Bijbel met mij...167 Zekerheid

 Lees Psalm 61, 62 en 64 "Leid mij op een rots die voor mij te hoog zou zijn."David vertrouwt God volkomen. God is een toevlucht, ...