Lees Exodus 30, 31 en 32
"Een pelgrimslied, van Salomo. Als de HEERE het huis niet bouwt, tevergeefs zwoegen zijn bouwers eraan; als de HEERE de stad niet bewaart, tevergeefs waakt de wachter." (Psalm 127:1, HSV)
God stelt mensen aan die bekwaam zijn voor het werk. Om de tabernakel en alle materialen te vervaardigen. Twee mannen mogen dit werk leiden. God roept twee kunstenaars. Bezaleël uit stam Juda en zijn medewerker Oholiab uit de stam Dan. "Ik heb hem [Bezaleël] vervuld met de Geest van God, met wijsheid, inzicht, kennis en allerlei vakmanschap" (31.3, HSV)
"En in het hart van ieder die wijs van hart is, heb Ik wijsheid gegeven zodat zij alles kunnen maken wat Ik u geboden heb" (31.6, HSV)
Bezaleël (naam: in schaduw van God) mag het huis van God bouwen. De tabernakel die een schaduw van het hemelse is (hebr: 10)
"De God Die de wereld gemaakt heeft en alles wat daarin is, Deze, Die een Heere van de hemel en van de aarde is, woont niet in tempels die met handen gemaakt zijn. Hij wordt ook door mensenhanden niet gediend alsof Hij iets nodig heeft, omdat Hij Zelf aan allen het leven, de adem en alle dingen geeft." (Hand.17:24-25, HSV)
Na 40 dagen en 40 nachten dalen Mozes en Jozua de berg af. Ze hebben twee stenen platen bij zich beschreven aan de voor en achterkant door God zelf. Er is een groot feest gaande. Het volk danst rondom een gouden kalf. Mozes is zo ontdaan en woedend dat hij de platen stuk gooit.
Hij pleit voor het volk. Heere vergeef hen, straf mij.
"Toen Mozes zag dat het volk losgeslagen was – want Aäron had het losgelaten – tot leedvermaak van hun tegenstanders,"
De mens aanbidt het beeld van God dat zij zelf gecreëerd hebben. En nog steeds kan het voorkomen dat we in deze val lopen. God wil dat we Hem leren kennen en Hem aanbidden om wie Hij is. God wil zich openbaren aan hen die Hem zoeken met heel hun hart. En heeft zich geopenbaard in Zijn Zoon.
Mag de Heer het huis bouwen?


Geen opmerkingen:
Een reactie posten